Drie kleine vossen - pagina 37
INTELLECTUALISME.
33
zijn in elke gemeente aankomende en volwassene leden, verstandelijk rijker en die minder rijkbegaafd zijn. Zij nu, die gemakkelijker denken kunnen, en beter voor een verstandelijk onderzoek aangelegd zijn, trekken onwillekeurig den eenzijdig-verstandelijken prediker meer aan dan de overigen, wier botheid hem vaak ergert. Alleen aan der eersten oordeel over zijn prediking kent hij waarde toe. Hij mint het, met dezulken zich in te laten en ze voort te helpen. En zoo ontstaat als vanzelf de indruk, alsof eigenlijk alleen deze meer verstandelijke gemeenteleden de kern van het kerkelijk milieu vormen. De anderen beproeven wel meê te loopen, maar ze kunnen het niet, en al spoedig moeten ze het opgeven. En alzoo zich op hun eigen terrein terugtrekkend, blijven deze minder
Er
die
kundige gemeenteleden zonder leiding, zonder stichting. Gevolg daarvan is, dat de afstand tusschen de verstandelijk meer ontwikkelden en die overigen al grooter wordt. Aldus begint allengs het verstandelijk kennen het geestelijk kunnen te vervangen. Verstandelijkheid begint proeve van echte bekeering te worden, en wie dien verstandelijken loop niet meê kunnen maken, dalen af tot een lageren rang, om heel hun leven lang tobbende te blijven, zonder ooit de zaligheid der uitverkiezing als den grond hunner vertroosting ervaren te hebben. Aanvankelijk wordt dat dan nog met eenige teederheid verzeld, en blijft de ernst van de Godsvrucht aan de verstandelijkheid een hooger karakter leenen. Maar het kwaad, dat in een beginsel schuilt, is nu eenmaal niet te stuiten. Het werkt altoos door tot aan zijn voleinding. En zoo nadert men dan in zulk een gemeente almeer het gevaarlijke punt, dat historisch geloof voor echt geloof wordt aangezien, en dat het is alsof niet aan den nederige, maar aan den hoogere in kennis de genade voor genade was toegezegd. Niet alsof ook in zulk een phase niet zeer diepzinnig over het hemelsbreed verschil tusschen historisch en echt geloof zou geredeneerd worden, en alle kenmerken des echten geloofs niet scherpzinnig zouden worden ontleed, maar het blijft almeer bij het recept^ en tot een halen op
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901
Abraham Kuyper Collection | 166 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1901
Abraham Kuyper Collection | 166 Pagina's