De gemeente gratie - pagina 341
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
HET OPTREDEN DER GELOOVIGEN
IN
DE WERELD.
337
God uwer belijdenis, en dan /egt de wereld bij zichzelve: „Waarom zouden wij den dienst der wereld voor den dienst van den God der Christenen uitruilen? Nu ziet ge zelf wat dat dusgenoemde Christendom geeft." tegen den
zij
Wat uw
slaat
Jezus u vermaant: „Laat licht
zien,
dus én
ziel-
uw
én menschkundig geheel op de wereld zooals ze
dat de wereld aldoor met arendsoogen op
wist,
voor de menschen, opdat
licht schijnen
en uwen Vader, in de hemelen verheerlijken mogen,"
en dat de eere van zijnen Vader, die hem
zijn
alles
Naam
is.
Jezus
verlosten letten zou,
was, er bitterlijk onder
dier
met eere in het midden wereld verkeerden. En toch neigen de vromen er nog steeds toe, om
met
algeheele ombuiging van deze diepe gedachte van Jezus, het terrein
lijden zou, indien de belijders
van
zijn
niet
der gemeene gratie, het eenige terrein waarop de wereld oordeelen kan, prijs
geven, en zichzelven op ongezonde manier op een apart gekozen
te
Ons protest daarentegen kan dan officier, wordt wordt burgemeester, wordt lid van den raad of van eenig hooger Laat men nu het terrein der gemeene gratie varen, en trekt men
geestelijk terrein geestelijk op te blazen.
ook niet ernstig genoeg uitgaan. notaris, college.
zich op dat der Christelijk
uit
Zie,
een Christen wordt
eenzijdige geestelijkheid terug,
te
komen,
bijaldien
men
in
dan acht men bijzonder
deze onderscheiden waardig-
heden nu eens scherp en beslist voor het een of ander speciaal Christelijk belang opkomt. Maar wat men vergeet is, dat elk kind van God, een iegelijk naar de mate, zijner gave, zich dan juist in de eerste plaats op de gewone dingen van zijn ambt of zijn lidmaatschap zóó heeft toe te leggen,
dat
hij
toont er
beter in thuis te
zijn,
meer
ijver,
meer toewijding aan
te besteden, er
en er meer in te kunnen uitrichten, dan een ander
van den Christus staat. Getuigen moet Gods kind óók, het spreekt Voor de speciaal Christelijke belangen moet hij ook opkomen. Het doen zou laf zijn. Maar dat is alles nog niet uw licht als burge-
die verre vanzelf.
niet te
meester, als notaris, als
officier,
als
lid
van
dit of dat college zóó laten
menschen het zien, en er God om verheerlijken. Dat doen Gods kinderen dan eerst, als ze hun licht laten schijnen in hun ambt, in hun beroep, in wat ze als lid van zulk een college te doen hebben, en het toonen dan beter te kunnen doen dan anderen. En zoo is het in alle dingen. Met een ambtenaar, met een winkelier, met een dienstbode, met een daglooner. Die allen moeten als Christenen aangenamer menschen zijn dan andere menschen, en beter werk leveren dan die anderen kunnen. Men moet aan alles merken, dat er werkelijk in hen een kracht werkt, die de wereld derft. Dat is u aangenaam maken aan de consciëntiën der menschen. Dat is uw licht laten schijnen in de zaken des levens en op een schijnen, dat de
terrein dat de wereld beoordeelen kan.
afdwingen. n.
En
gestadig,
rusteloos
Op
dat terrein moet ge haar eerbied
moet de drang
in
u
zijn,
om
op 22
dit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's