De gemeente gratie - pagina 419
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
415
DE OPENBARING VAN GODS TOORN.
mensch in den en
heerlijkheid opbloeien,
volle
in
wereld lotgemeen
zijn.
de diepste oorzaak, die
de diepste oorzaak
ook die wereld blinken
zal
der majesteit. Altoos naar den regel, dat mensch
glans
vollen
dan
is
Dit nu
is
menschen waardoor de
alleen
daaruit
staat en
's
staat
te
verklaren,
dat
toestand bepaalt, tegelijk
en toestand van de wereld
bepaald wordt. Ligt alzoo het uitgangspunt voor de bepaling van onzen toestand
geestelijken
in
de geestenwereld, dan moet ook
uit
diezelfde
geestenwereld de kracht komen, die de omwenteling van de wereld
haar
De
heden.
en
eerste
is,
dat het geestelijke ganschelijk verdonkerd wordt,
dan verdonkert zich ten
slotte
ook het uitwendige leven tot „de
buitenste duisternis", en ontstaat de hel. lijke
om
naar rechts of naar links bepaalt. Dit nu geeft drie mogelijk-
spil,
ganschelijk opklaart,
De tweede
is,
dat het geeste-
en dan klaart ook het uitwendige op met die
hooge glansen, waardoor het in plaats van de hel een hemelsch leven wordt.
En de derde
wordt,
en dan
blijft
duisternis spelen,
om
is^
dat het geestelijke slechts ten deele verdonkerd
ook
in
het uitwendige een schemerlicht door de
en ontstaat die gemengde toestand, dien wij thans op
een toestand van vloek, maar getemperd door de Zonder gemeene gratie zou aanstonds na den val het Paradijs in de hel veranderd zijn. Nu, dank zij de gemeene gratie, is dat helsche nog uitgesteld, breekt dit helsche nog niet door, en zal dit helaarde
gemeene
ons zien,
gratie.
sche eerst dan uitbreken, als aan het einde dezer bedeehng de gemeene
voor
zich
gratie
altoos
terug trekt.
Ook de
schroef nu,
als
eens zoo plastisch mogen uitdrukken, die verdraaid moet worden, hier hel, hemel of half hel en half hemel te doen
wereld.
we om
ons het
zijn, ligt in
de geesten-
Die schroef nu stond oorspronkelijk op het woord:
„Paradijs".
Die schroef komt eens voor de verlorene op het woord „hel" te staan.
Maar
sinds den val en tot op den oordeelsdag staat die schroef op: „ge-
temperd",
d.
w.
z.
ze
is
zóó geschoven, dat
we
thans een toestand op
aarde doorleven, die ons de ééne maal de vreeslijkste pestilentiën en wolk-
breuken en aardbevingen en vuurspuwingen en overstroomingen vertoont; maar ook een ander maal ons de genieting schenkt van de heerlijkste natuurtafereelen, van een wereld die u door haar weelde verlokt, en van een zon, die u verkwikt en zacht koestert met haar stralen. Gods Voor-
den dag en al den nacht allereerst daarin heerlijk, dat er een werking Gods op de geestenwereld uitgaat, die én door geestelijk geweld de booze inspiratie van Satan op ons geslacht en onze personen tempert, maar voorts ook evenzoo daarin, dat er eene, daarmee evenzijdig zienigheid
is
alzoo
al
loopende, werking van
God op
die krachten van de geestenwereld uitgaat,
die den algemeenen toestand hier op aarde bepalen, een werking die den
vloek niet opheft, maar beperkt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's