Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

In Jezus ontslapen - pagina 82

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Jezus ontslapen - pagina 82

2 minuten leestijd

70

ons verdriet aandoen. Er

is geen laster meer die ons achtervolgt. geen teleurstelling meer in dagtaak en zaken. Er zijn geen ongerechtigheden meer die ons kwellen al den dag. Dat alles valt weg en de traan die over al zulks geweend werd, droogt van zelf op.

Er

is

,

,

Doch

dit is niet genoeg.

Onze

ziel wil niet alleen 'negatief geen smart, maar ook vreugde. Daarop is ze aangelegd. ^N'aar vreugde en heerlijkheid heeft ze innerlijk heimwee. En zoolang dat heimwee

positief

onbevredigd

blijft,

weent

ze in zich zelve. leidt de ziel, die hij afriep, in

Doch nu komt de Heere, en

vreugde van het Vaderhuis binnen, en nu, genietende wat geen oor gehoord had of geen oog gezien, en wat in geen menschenhart was opgekomen, nu lacht ze van vreugde, en de

stolt vanzelf elke traan.

Dat is het eerste, maar lang niet alles. Bleef toch na ons sterven de herinnering die we met ons meedragen, ons vervolgen, dan zou het lijden, althans voor een deel, met ons de eeuwigheid ingaan. Een moeder, zelve zalig, maar die het zielsverdriet over haar nog verloren kind meê de eeuwigheid indroeg, zou nooit ten volle de zaligheid genieten kunnen. Ook het gemis van wat de ziel op aarde achterliet, de onzekerheid over wat uit de haren worden zou, het terugdenken aan de soms zoo pijnlijke ellende van wie nog op aarde zijn, zou voor niet zoo gering deel haar de eeuwige vreugde vergallen. Iets wat vooral uitkomt zoo men bedenkt, hoeveel fijner en teederder de bevrijde ziel in het eeuwige leven gevoelen moet. Dat die kwelling in de eeuwigheid den verlorene vervolgt, ziet ge dan ook in de gelijkenis van Lazarus en den rijken man. Of vraagt hij niet, dat iemand gezonden mocht worden

om

zijn broederen te waarschuwen opdat ze niet komen mochten de plaats der pijn? Wel is dit beeldspraak, maar voor wie verloren gaat blijkt er toch iets ontzettends uit. Het afwisschen van die tranen hangt dus bij de verkorenen aan een afzonderlijke genadedaad Gods, hierin bestaande, dat Hij vergetelheid voor het verledene over de ziel werpt, juist zooals bedwelming door narcose vergetelheid over de ziel werpt omtrent hetgeen de heelmeester tijdens de operatie aan het lichaam doet. De ontslagen ziel wordt van het leven, dat ze achter liet,

in

geïsoleerd.

,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's

In Jezus ontslapen - pagina 82

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's