In Jezus ontslapen - pagina 122
„OP DEX KEURSTEEN EEN NIEUWEN NAAm".
106
ook
grooter
afmeting- dolle prijzen, slechts een enkele letter gegrift
al
staat er iu liet vio-net
voor een Agaatsteen
al draagt een koningswapen biedt liij schier niets. Fijner zin daarentegen geroelt zich persoonlijk rijker met een ond-adellijk signet, al is de steen van minder gehalte, dan met den dunrsten steen, die het edel graveersel mist. Die edeler toon nu is in den hemel volkomen. Niet de steen het graveersel in den steen geeft in het Vaderhuis waarde. Het is hetzelfde wat de fondamenten vau het nieuw Jerusalem u zeggen. Het ééne is van Saffier, het andere van Topaas, een derde vau Chalcedon, naar ónze prijslijst der juweeleu ganschelijk verschillend, maar in het nieuwe Jerusalem één. Niet de steen, maar wat de steen spreekt, maakt hiernamaals de waardij uit. Eu de steen spreekt hier door twee dingen, want hij is ivlt en draagt een naam. Het is een ivitte keursteen passend bij het „ fijne witte lijnwaad" van Gods heiligen, zinspelend op hun afgesneden zijn van wat zonde was, of zonde heette, of naar zonde zweemde. En het graveersel op dien steen spreekt in een naam. Die naam zal uw naam zijn. Niet de naam, waarmee ge op aarde werdt genoemd, niet de naam waarmede ge gedoopt zijt, maar de naam die God u geven zal. naam voor eeuwig in de hemelen. liij
;
,
,
,
Uw
Die zegel.
Keursteen
witte
Het
halsketen.
is
niet
Het
is
een niet
met den geheimzinnigen uaam is een keursteen als ornament in kroon of een steen, om als kleinood te worden
weggeborgen. Het is de heurgteen bij het kleed. Pharaö, toen hij Jozef verhief, gaf bevel, dat men hem , fijne witte kleederen" zou aandoen, en „nam zijn zegelring vau zijn hand af en gaf hem aan Jozef" (Gen. 41 en 42). Ook Mordechai ontving van Ahasverus , een opperkleed vau fijn linnen", en hij , toog zijn zegelring af van zijn vinger en gaf hem aan Mordechai." (Esther 8:2, 15). Het kleed en de keursteen zijn saam de verziubeelde glorie voor wie den Koning tot eere verheft. De geloovige die in Christus afstierf, en als overwinnaar voor zijn koning verschijnt, wordt alzoo daardoor in de eere gezet, dat het „ fijne witte kleed ," hem om de schouders wordt gehangen, en de ring met den gegra veerden keursteen hem aan de hand wordt gestoken. Hier smaad en rcrguiziiig maar voor wie overwint bij zijn komen ,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's