De gemeente gratie - pagina 153
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
volkomen
eeiiwiglijk zijn
toenemen kan. En dus moet het wel geweest
niet
een toenemen doordien
om
wereld het
is,
Ons
uit het
Woord en
Veeleer volgt
uit
de
opnam. Dat
en het zich ontwikkelen door die opgenomen
dier kennis,
dit
deze ontwikkeling tot vollen
is
hiermede niet
het geheel eenige van zijn persoonlijkheid.
uit,
het genoeg, indien het
is
de natuur,
uit
Jezus plaatsgreep op een geheel eenige wijze,
bij
betwist.
hij
zich heen, verrijking van keunis en inzicht in zich
opnemen
kennis
149
TOENEMING.
JEZUS
feit,
én dat Jezus zich ontwikkelde, én dat
wasdom
plaatsgreep door van buiten
al'
in
zich op te nemen, maar onverkort en onverlet blijve. Wie dit toch ontkennen wilde, zou aan Jezus een menschelijke natuur toeschrijven, niet gelijk ze naar de ordinantie Gods zijn moet, maar een denkbeeldige
menschelijke natuur, die alle gemeenschap met Jezus voor ons afsloot.
En
staat dit nu vast,
den aanvang van
dan
blijkt
ook met volkomen gewisheid, wat we
dit artikel stelden, namelijk dat
Van aanmerking komt; want wat de
hierin een vrucht afwierp voor Jezus. die
hier in
m
de gemeene gratie ook
verre niet de eenige vrucht, Heilige Schrift voor Jezus
is
geweest, zal geen onzer ooit ten volle verstaan. Reeds de afstand tusschen
het kind Jezus in den tempel en de grijze Schriftgeleerden, die
hij
onder-
vroeg, bewijst dit. En ook kunnen we slechts bij benadering gissen, wat de dienst des Heeren in Sions tempel voor Jezus tot verdieping van zijn inzicht in het heilige bijdroeg. Is reeds
onder ons de indruk dien de ééne
mensch van zulke heihgheden ontvangt zoo naamloos veel dieper, dan de indruk waarvoor de ander vatbaar is, tot wat diepte en in wat rijkdom moet deze indruk dan wel niet bij Jezus zijn doorgedrongen. Ook wat de Heilige Geest „zonder mate" voor Jezus bij de geestelijke ontwikkeHng van zijn menschelijk bewustzijn geweest
komt
slechts
neemt
bij,
niet
evenzoo
is,
blijve hier buiten het geding. Dit alles
de ontwikkeling van het menschelijk bewustzijn van Jezus niet
bij
maar het
wijst ons zelfs op de hoofdfactoren.
weg, dat Jezus ook de
in zich
opnam de
taal,
rijke
zijn
dit alles
de bewustzijnsvormen, de denkbeelden, en
de menschelijke en geestelijke ontwikkeling, die bij
Maar
weelde der natuur indronk, en
hij
in zijn
omgeving en
volk vond. Jezus sprak niet in engelentaai noch in de taal van
maar in de gebrekkige taal der toenmalige Joden. Hoe zouden hem anders hebben verstaan? En deze taal bracht Jezus niet mede wereld, maar die heeft Jezus aangeleerd van zijn moeder. Een taal nu
het Paradijs, ze ter
kan men
niet aanleeren,
zonder de gedachten en denkbeelden en voor-
steUingen in zich op te nemen, waarvan die taal de uitdrukking is. En die denkbeelden wederom kon Jezus niet tot de zijne maken, zonder in de
levensontwikkeling van
zijn
omgeving
in te gaan. Stel
nu voor een oogenblik
bij een achterlijk volk, dat op zeer lagen trap dan zou ook de gedachtenwereld waarin Jezus opgroeide een veel armere zijn geweest. En dat hij nu opgroeide te midden van een volk,
dat Jezus geboren ware stond,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's