De gemeente gratie - pagina 640
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE AANRAKING VAN SFEER EN SFEER.
636 kinderkens
zijn,
die zóó vroeg wegsterven, dat ze eigenlijk
aan het leven
op aarde nog geen deel hebben gehad, en van wie wij toch, zoo ze in het Verbond geboren zijn, mogen aannemen, dat ze niet onwedergeboren nooit in den stierven. Zulk een kindeke nu, zeg van één jaar oud, las
hoorde nimmer van Jezus, wist van geen weg ter zaligheid, kende nog in niets hefde voor het Koninkrijk der hemelen, en had evenmin eenig bewust aandeel aan de Gemeene gratie of het leven der wereld. Wel ontBijbel,
ving het reeds voedsel en werd verzorgd,
maar dat
alles ging buiten alle
bewustzijn of kennisse om. Het gold dus metterdaad een geval, waarin de geestelijke wedergeboorte, en de ingang in het Koninkrijk der hemelen,
onvermengd bleef met de
van het wereldsch leven.
sfeer
dat terstond na, of zelfs in,
Bij
een kindeke
soms vóór de geboorte sterft, gaat dit in we nu met onze kerken, dat ouders zulk een geval, niet aan de zaligheid hunner
ja,
nog veel volstrekter zin door. Belijden
Verbond staan, in kmderkens behoeven te twijfelen, dan volgt daaruit tevens dat deze gevallen lang niet zeldzaam zijn. Het getal kinderkens dat het vijfde levensdie in het
jaar niet haalt,
is
vergeliikenderwijs, gelijk
we
later zullen opgeven, zelfs
zoo zeer groot. De vraag of God ook buiten het Verbond kinderkens die Schrift Heilige De besprekmg. buiten hier blijve vroeg wegsterven, zaligt, geeft omtrent dit punt geen rechtstreeksche aanwijzing, en waar deze ontbreekt, voegt het ons (ook al ontkennen
we
in het afgetrokkene de
een zahgmg niet, ja, al zou ze ons menschelijk wat men wel eens zegt, een pak van het hart ons, en toespreken gevoel ook al doen we zijn), ons van elke stelhge uitspraak te onthouden. Maar kinderstervende vroeg de tot hoofde dit, en al bepalen we ons uit dien mogelijkheid van zulk
kens van Christenouders, toch blijkt ook dan het getal zeer groot te zijn, zóó groot, dat als men van den aanvang der wereld eenerzijds bijeenvoegde de wedergeborenen die tot bewuste bekeering kwamen en dus bleven leven, en anderzijds de wedergeborenen die wegstierven zonder tot
bewuste bekeering gekomen
te
zijn,
de
cijfers
(we toonen
dit later aan)
allicht niet zoo ver uiteen zouden loopen. Alzoo moet eens voorgoed ge-
broken worden met de voorstelhng, alsof die gezaligde „kinderkijns" slechts een verdwijnend klein aantal vertegenwoordigden, dat nauwelijk meetelt, en alsof we uit dien hoofde volstaan konden met in onze geloofsleer alleen te
rekenen met hen die op ouder
Hier komt nog
iets
anders
leeftijd, d.
bij.
i.
na bekeerd
te zijn, stierven.
Niet alleen de wieg, ook het sterfbed
heeft zijn geestelijke mysteriën. Calvijn schreef eens aan een vriend en broeder, die te hoog jubelde over het vermoorden van den hertog van
Guise, wijl die
bevrijdde
:
moord de
Calvinisten van
Broeder, smaal op den doode
een gevaarhjken tegenstander
niet.
Kunt
gij
zeggen, of niet nog
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's