De gemeente gratie - pagina 224
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE GEMEENE GRATIE IN ONZE OPVOEDING.
220
heb Ik liefgehad." Gemeene gratie beteekent dan ook juist: aan verkoren en niet-verkoren personen gemeen. Hiermede hangt ten tweede saam, dat door dezelfde bediening, waardoor ons een gemeene gratie toekomt, ons als we ons zoo mogen uitdrukken. Herkomst en geboorte kan in ons voordeel, maar kan ook in ons nadeel zijn. Er kan een genade, maar er kan ook een ongenade in hggen. Van een der uitnemendste mannen, die God als Richter over Israël verwekte,
ook kan toekomen een gemeene disgratie,
lezen we, dat
een „hoerenkind" was, en
hij
in
de heihge geslachtslinie van
we
op Thamar, Rachab en Bathseba. Zoo kan dus dezelfde levensverhouding voertuig van gemeene gratie, maar ook voertuig van verdervenden invloed zijn, en het laatste kan aan verkorenen en niet
den Christus stuiten
verkorenen even gemeen
zijn als
de gratie. En in de derde plaats valt hier
aan te merken, dat de gemeene gratie evenals de gemeene owgenade zoowel prikkel ten verderve als instrument ten goede kan
zijn.
Laat God
zijn
verkorenen geboren worden
uit een goddeloos geslacht en uit booze ouders, dan werkt de prikkel der tegenstelling, die uit diepe zonde tot te rijker bekeering leidt. En omgekeerd wordt een die den nek verhardt, geboren in een vroom geslacht, dan wordt hem het heilige van der jeugd af een
waarvan hij walgt. Bij een kind uit geloovigen huize, dat ten slotte den Heere verwierp, valt de opscherping tot bekeering het moeilijkst. Hij weet er alles van, en uw beste woorden missen op hem hun invloed. Deze drie saamgenomen kunt ge dus zeggen, dat de gemeene gratie hieraan steeds te herkennen is, dat ze 1". gemeen kan zijn aan verkorenen en spijze,
laffe
niet verkorenen;
goede
als ten
2".
kwade kan strekken en ;
Gods hand kan
in
dat ze werkt door een instrument dat zoowel ten
zijn,
zoowel
om
3.
dat
kwaad en goed beide middel
Diezelfde kenteekenen houden dan ook stand
gemeene
gratie
om
te zegenen, als
bij
te verharden.
het tweede stuk der
waaraan we thans toekomen. Na herkomst en geboorte
volgen opvoeding en omgeving.
Hoe hard
het ook schijne, ook deze beide
werken, althans aanvankelijk, op zulk een wijze op het kind, dat het kind er zelf niets aan doen kan, en het Hij
was
Adam wassen ouders,
Adam
is
God, die ook
dit aldus heeft gewild.
de vrijmachtige Beschikker en Schepper, en evengoed als Hij
op eenmaal volwassen schiep, had Hij ook elk menschenkind in
maar schiep,
diezelfde
vol-
het leven kunnen doen ingaan; natuurlijk niet als kind van
nieuw geschapen mensch. Of ook, gelijk God Eva uit maar zoo dat ook zij aanstonds volwassen was, zoo had
als
God ook daarna
uit
kunnen doen uitkomen. Alsdan zou elk nieuw gezelf zijn positie hebben kunnen bepalen, en geweest zijn. Aldus echter heeft God het niet gewild.
in volwassen personen
schapen mensch aanstonds
opvoeding zou er niet
het voorafgaande geslacht het daarnavolgende
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's