Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

In Jezus ontslapen - pagina 98

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Jezus ontslapen - pagina 98

2 minuten leestijd

,DE TRANEN AFWISSCHEK'

82

Al trok dus ook wie stierf, iu het sterveu, het kleed des lichaams uit, de ziel kan daarom uog wel pijn hebben, en de ziel ook zonder oog innerlijk weenen. Ge durft het haast niet indenken, en toch is het zoo, dat de ziel die buiten Jezus sterft, eerst na het sterven waarlijk pijn gevoelen gaat. Sprak Jezus niet ten opzichte van de verlorenen dat er bij hen weening zal zijn, ja, kuersing der tanden? Het is dus volstrekt niet waar, dat het sterveu als zoodanig en op zichzelf aan het lijden, aan de pijn, en aan het weenen een einde maakt. Integendeel, juist door het sterven wordt de pijn, het lijden veel banger, en op zichzelf begint dan eerst het weenen der ziel. En dat dit bij wie in Jezus sterven niet alzoo is, dat komt niet vanzelf, maar is vrucht van de Uenadedaad Gods. Vrucht hiervan dat God aan al zijn lieve kinderen na hun sterven den traan uit het zielsoog afwischt. .

,

Hoe

is

,

dit te verstaan?

Drieƫrlei daad Gods is hier te onderscheiden: Hij verplaatst uit ellende in vreugde. Hij spreidt vergetelheid over de herinnering. Hij snijdt de zonde, die bron van onzen eenigen kommer,

van de ziel af. Let op elk dier drie onderscheidenlijk. Er is een deel van onze ellende, dat opkomt uit ons verkeeren in deze zondige en gebrekkige wereld. In die wereld was ons deel. In die wereld koesterden we allerlei verwachting. Eu daarom bracht die wereld ons telkens verdriet en teleurstelling.

Welnu, met de afscheiding uit het lichaam maakt de Heere de verkoren ziel van dat deel der ellende los. Er is geen krankheid meer en geen pijn naar het lichaam. Er is geen koude en guurheid meer, die vlijmt en beangstigt. Er is geen zorge meer voor het dagelijksch brood. Er zijn geen menschen meer die ons verdriet aandoen. Er is geen laster meer die ons achtervolgt. Er is geen teleurstelling meer in dagtaak en zaken. Er zijn geen ongerechtigheden meer die ons kwellen al den dag. Dat alles valt weg, en de traan, die over al zulks geweend werd, droogt van zelf op. Doch dit is niet genoeg. Onze ziel wil niet alleen negatief geen smart, maar ook aangelegd. Naar vreugde en is ze positief vreugde. Daarop

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's

In Jezus ontslapen - pagina 98

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's