De gemeente gratie - pagina 110
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
VERBAND VAN PRAEDESTINATIE EN SCHEPPING.
106
Heere onzen God uit, d. i. de wereld instrument ziener glorie.
heelal van den
zijner verlustiging,
of liever nog: het bestelde
„Tot
die
wordt
Zelfs tot driemalen
Epheze
dit in
alle dingen, die niet
de
hymne
ons voorzingt, herhaald. Eerst in
1
eindelijk in vs. 14. Niet
uw
het hoogste doeleinde.
is
God
jjrijs zijner heerlijkheid" riep
aanzijn.
dat die heerlijkheid er
En En
prijs zijner heerlijkheid".
vs. 6;
dan
en
in vs. 12,
heerlijkheid van
de eindpaal van den
maar dat
zij,
maar de
heerlijkheid,
waren, tot
der Voorbeschikking,
weg Gods
uw God
niet
is
maar
die heerlijkheid geprezen worde. „Tot
dat de heilige apostel ook in Epheze
1
dit
verheven einddoel niet tot den mensch beperkt, maar het uitstrekt tot gansch de schepping,
weer
tot
blijkt niet alleen uit zijn verklaring,
één wil vergaderen," maar ook
wat
uit
hij
dat
God
„alles
er in vs. 11 bijvoegt:
„die alle dingen werkt naar den raad zijns willens." Ge kunt, ge moogt daarom de overige schepping, buiten den mensch, niet van de Voorbeschikking uitsluiten. Natuur en genade zijn twee rijken, maar onder één Koning, en de rijksgedachte van dien Koning der koningen strekt zich uit over al wat „op de aarde, hoven de aarde in den hemel en onder de aarde is." Lees en herlees het maar in het diep doorgaande, alomvattende, organisch het al ineenzettend woord uit Col. 1 16 — 20: „Want door Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, :
die zienlijk en die onzienlijk zijn, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij
overheden, hetzij machten, alle dingen
schapen; en Hij
En
door Hem. die
Hij
het begin
eerste zou
al de volheid
is
alle
door
Hem
Hem
en tot
Want
wonen
ge-
zamen
het Hoofd des lichaams, namelijk der gemeente, Hij
het
zoude, en dat Hij door
zijns kruises,
tot zichzelven,
hetzij
door
Hem
zeg
de
alles
des Vaders welbehagen geweest, dat in
is
door het bloed de hemelen
zijn
dingen, en alle dingen bestaan te
de eerstgeborene uit de dooden, opdat Hij in
is,
zijn.
vóór
is
Hem
Hem, vrede gemaakt hebbende ik,
alle
dingen verzoenen zou
de dingen die op de aarde, hetzij de dingen die in
zijn."
Zelfs de zoo dikwijls ook in onze
dagen besproken vraag,
of de Christus
ware de mensch niet gevallen, verliest daardoor haar beteekenis. Zeer zeker toch moet geprotesteerd tegen de dwaalleer, van Origenes' dagen af verkondigd, alsof er een menschwording Gods in Christus ook onder een zondelooze menschheid zou hebben plaats ge-
gekomen
toch zou
grepen.
Van is,
ook
al
zulk een menschwording
Gods buiten zonde weet de Heilige
en steeds wordt heel de Schrift door beleden, dat Christus
Schrift niets,
gekomen
zijn,
om
en nog altoos,
zondaren zalig te maken en een wereld, die God schiep,
als het
werk
zijner
handen, liefhad, te behoeden.
Wat
ook
de Ethischen in onze dagen desaangaande bepleit en gepredikt hebben, uitvloeisel
van pantheïstische philosophie geweest, en moet
Heihge Schrift worden verworpen.
— Maar evenmin mag
in
naam
is
der
staande worden
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's