De gemeente gratie - pagina 334
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
330
ZELFREINIGING.
nog langer leven, staan
als innerlijk edele plant te
edele plant niet hoort.
geving,
die
die
de onheilige natuur
uit
bij
die
leeft,
heeft
En
midden van een om-
die wereld, die omgeving,
Gods kind
niet alleen buiten zich,
De Schrift noemt maar dat vleesch is met de wereld buiten ons homogeen, en daarom kunnen we kortweg zeggen, dat
maar
draagt
die
hij
ook
in zijn eigen
persoon nog om.
die
wereld die aan ons
we
onze zelfreiniging hebben te volbrengen in de wereld aan en
Was nu
die wereld
zelf zit, ^^f vleesch,
aan en
om
ons, geheel
om
ons.
aan de ontwikkeling van haar
eigen booze beginsel overgelaten, zoo zou deze zelfreiniging onmogelijk
zijn.
kunnen wezen, maar een gereinigd karakter, een gereinigd bestaan, een gereinigd leven ware ondenkbaar. Daartoe zouden we alsdan uit ons vleesch moeten scheiden, en uit de booze wereld uitgaan. Zelfreiniging zou alleen in zelfmoord kunnen Er zou alleen
bestaan.
protest,
er zou alleen afsnijding
Het absolute breken met een absoluut boos vleesch en een absoDoch ook al verbloemde men dezen zelfmoord in een
luut booze wereld. zelf
gezocht martelaarschap, het zou een zelfreiniging
uitliep,
want ook het martelaarschap mag
dwang overkomen. Zoo
is
zijn,
die
op zonde
ons nooit anders dan door anderer
intusschen de toestand van de wereld aan en
en dat ze niet absoluut boos, maar betrekkelijk nog in menig opzicht draaglijk is, dankt ze aan de gemeene gratie. Deze stuit de ontwikkeling van het booze beginsel der wereld, op het ééne punt meer op
om
ons
niet,
het andere punt minder, en hieruit wordt, gelijk
we met
het beeld der
gierpont aantoonden, allerlei in usantiën en levensontwikkeling opgenomen,
dat ons zekere burgerlijke gerechtigheid vertoont,
lieflijk
is
en wel
luidt.
Hierdoor nu wordt teweeggebracht, dat er in de wereld aan en om ons deels positief booze, deels betrekkelijk goede bestanddeelen zijn, en het is deze tegenstelling, waardoor de zelfreiniging mogelijk wordt, of beter nog gezegd, door
God
mogelijk wordt gemaakt.
Zeer in den grove genomen, toont dan ook het leven u, dat de geloovigen in menigerlei opzicht hun zelfreiniging daarin doen bestaan, dat ze die dmgen doen, die ook door de edeler mannen onder de ongeloovigen gemeden en gedaan worden; en het jammerlijkste is maar, dat zoo menig
kind van
God
zelfs
daarin door de edeleren onder de ongeloovigen be-
schaamd wordt. Nauwgezetheid van geweten, het ontwikkelen van een vast karakter, het verfoeien van wat laag en gemeen is, het bedwingen van zijn hartstochten, het leiden van een matig en rein leven en zooveel meer, zijn altemaal heerlijke dingen, waar het kind van God bij zijn zelfreiniging op uitgaat, terwijl toch niet te loochenen valt, dat geheel dezelfde
dingen,
^ij
het ook op andere wijze (waarover later)
blinken, ja niet zelden
bij
bij
onbekeerden
uit-
onbekeerden een nog hoogeren glans vertoonen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's