De gemeente gratie - pagina 344
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
NOODZAKELIJK EN GEVAARLIJK DUALISME.
340
sympathie met wie leed aan het hart ontlokte, vindt ook de godloochenaar goed ding", een „nuttig verschijnsel in de ge-
Christelijke religie „een
die
en
schiedenis",
iets
dat voor de groote massa nog lang niet kan worden
gemist, als hulpmiddel voor de
eerste ontwikkeling uit ruwe, grove toe-
standen, tot toestanden die zich
meer menschel'0k voordoen. Zulk een man
acht daarom zichzelf reeds ver boven die Christelijke religie verheven.
De
Christelijke
zijn
kerk
is
de beschaving en ontwikkeling der volken in
bij
oog zoo ongeveer de
„bewaarschool" voor de pasbeginners, en het
„huis van correctie" voor de nog ongemuilbande wildzangen. Zelf
is hij
nu
op de veel hoogere school van de vrijmetselarij of van het pessimisme.
Maar
dit
neemt
niet weg, dat hij voor de
nog minder ver voortgeschredenen
(en dat zijn helaas, nog altoos de groote massa's) die bewaarschool onmis-
baar keurt, en soms zelfs bereid
Het
duidelijkst
doorliep
ten
komt
dit uit
is,
om
er voor
bij
te dragen.
op het gebied van de Zending. Drie stadiën
deze het oordeel der ongeloovige wereld. Eerst de periode
der hatelijkheid, toen het tijdperk der onverschilligheid, en nu trad ze in het stadium der waardeering. Hatelijk waren de conservatieven, onverschillig
de oud-liberalen, w^aardeerend
zijn
de progressisten, en tot in de
staatsstukken der Regeering, in de debatten der Staten-Generaal, en in de
rapporten der Oost-Indische ambtenaren zoudt ge het verloop en de opeenvolging van deze drie standpunten
kunnen aanwijzen. In de periode der
hatelijkheid
beschouwde men de
indringster.
Die eenvoudige inlandsche bevolking, vooral op Java, leefde
Christelijke missie
als
een gevaarlijke
was gedwee en bezat in den Islam juist datgene wat ze als religie behoefde. Die Islam was volstrekt zoo kwaad niet, voor zulk een eenvoudige Indische bevolking zelfs veel geschikter dan ons Christendom met al zijn dwaze dogma's. Trad nu te midden van zulk een bevolking nochtans
gerust,
zulk een missie op, dan veroorzaakte dat niets dan tweedracht en scheuring, zelfs
kon ze het fanatisme van de Mahomedanen gaande maken, en daarom
moest het
als
„hoog gevaarlijk" worden beschouwd. Dientengevolge werd
de Zending toen
op
alle
denkbare wijzen bemoeilijkt.
Men
plaagde en
smaadde de mannen die voor zulk een missie uittogen, en deed soms al het denkbare om hun het leven ondraaglijk te maken. Deze booze periode nu liep ten einde met den ondergang van het Batig slot. — De liberalen vervingen daarop de conservatieven, en keurden zelf die plagerijen
moest
aller vrijheid eerbiedigen.
af.
Men
Zelven verwachtten ze van het Christendom
voor den inlander niet veel. Bovendien hoe machteloos en klein was die missie niet.
Maar
toch,
dit
moesten de vrienden van de missie zelven Regeering en de ambtenaarswereld hen
weten. In geen geval mocht de kleingeestig tegenwerken.
De
vrijheid
van consciëntie moest ook
in
de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's