De gemeente gratie - pagina 675
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
VOLTOOIING DER GEMEENE GRATIE.
671
xc. Voltooiing der Gemeeiie gratie.
Noch
steekt
korenmaat,
men
eene kaars aan, en zet die onder eene
maar op eenen kandelaar, en
Het volk,
feit zelf,
dat het optreden van de
15.
Gemeente van Christus onder een
allengs ook op de zedelijke goM^oonten van dat
zijn burgerlijke
schijnt allen,
zij
Matth. 5:
die in het huis zijn.
volk;,
en op geheel
ontwikkeling, merkbaren invloed gaat oefenen,
na het
zal,
aangevoerde, geen nader bewijs behoeven. Dat de Particuliere genade van invloed
anders
op de werking der Gemeene gratie, staat vast. Maar
is
is het, dit
bloot te erkennen, of wel
manier rekenschap
te
om
iets heel
zich eenigszins op duidelijke
geven van de wijze waarop en de mate waarin deze
invloed uitgaat. Eerst het laatste of practische deel van onze reeksen over
de Gemeene gratie kan hierover het vereischte spraken,
gelijk
men
Gemeene
gratie,
daarna haar
herinnert,
zich
eerst
leerstellige of
licht verspreiden.
de historische zijde
We
be-
van de
dogmatische beschouwing. Dit
En daarna
dogmatische deel loopt met
dit
wenschen we een
reeks te openen waarin de beteekenis van de
Gemeene
gratie
laatste
en het daarop volgend artikel
af.
voor de practijk van ons leven in de burgermaatschappij
aan de orde komt.
Bij die laatste
reeks
komen
alzoo onderscheidenlijk en
achtereenvolgens de bijzondere invloeden ter sprake die de
op het gebied van het
huislijk, burgerlijk,
Gemeene
gratie
maatschappelijk en staatkundig
leven geoefend heeft. Toch achten we in deze leerstellige reeks van dit onderwerp niet te mogen afgaan zonder kortelijk de oorzaken te hebben aangewezen, waaruit deze invloed op de Gemeene gratie zich verklaren laat.
we onzen
Tot recht verstand hiervan verzoeken
meer algemeen standpunt
te plaatsen,
lezers
en er een oog voor
zich te
eerst op
hebben, dat
steeds en allerwegen de religie van een volk (ook al gaat deze religie
geheel buiten het Evangelie om) een eigenaardig stempel drukte op de
zeden en gewoonten, op de wetten en de heerschende denkbeelden van natiƫn en volken. In zooverre religie,
waar
ze optreedt,
ligt
heeft niets dat bespreking vereischt.
drukking van het centrale de
religie
van een volk ook
er in het feit dat ook de Christelijke oefent, niets vreemds, en
soortgelijken invloed
in zij,
De
Religie
ons bestaan.
Hoe
is
en
blijft
altoos de uit-
vervalscht en verdonkerd
toch vindt ge in die religie altoos de diepst
liggende, de centrale, de alles beheerschende grondovertuiging van dat volk
uitgedrukt.
Die diepere grondovertuiging hangt
saam met den aard en het karakter der
natie,
bij
een volk dan weer
en evenzoo met haar histo-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's