De gemeente gratie - pagina 288
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE GEMEENE GRATIE IN DE HEILIGMAKING.
284
meesten dan ook van kindsbeen af in de vreeze des Heeren staan, en schier zonder overgang in het hart breken met de wereld, om hun Koning en Heiland te dienen. Blijft
nu van dien kant voor den bekeerde zijn omgeving is ook het geval met zijn we^kerkelijk leven.
vroeger was, dit
reeds opmerkten, getild
uit
hij
het volk,
wordt,
hij
zich
Want wel hebben we
die
we
zich bekeert, niet uitgelicht, niet uit-
uit het land, uit
en levenskring, waarin midden.
als hij
gelijk
Gelijk
de maatschappij,
bewoog, maar
uit
den werkkring
leven in hetzelfde
blijft
ons af te scheiden „van een hoereerder,
een broeder zijnde", en dus als Hd der kerk kerkelijke tucht te oefenen,
maar de apostel voegt er uitdrukkelijk bij, dat we ons daarom „niet ganschelijk kunnen afscheiden van de verkeerden," overmits we anders de wereld moesten uitgaan. Ik bid U, zoo sprak onze Heiland in roerende smeeking vóór
wereld wegneemt,
gang naar Golgotha, niet dat
Gij ze uit
zijn
de
maar
dat Gij ze bewaart in de wereld. Het raakt hier
We
moeten verwerpen het denkbeeld van een Volkshaar eigen boezem toelaat, en waartoe allerlei
een beginsel.
alzoo
zijn
kerk, die de wereld in gansch ongeloovige personen behooren, en die samengesteld is uit gezinnen die voor een goed deel alle echt geloof voor dweperij uitmaken; maar we
moeten ook ons verzetten tegen de Doopersche opvatting, alsof de kerk een kerk van louter heiligen ware, en alsof deze heihgen zich buiten het leven der wereld hadden te plaatsen. Wie zich bekeert, gaat niet de wereld uit, maar moet als belijder des Heeren in de wereld voor den Christus leven. Het eerste is wel veel gemakkelijker, maar het laatste is ons opgelegd. Met iets van de liefde waarmede God de wereld heeft liefgehad, toen Hij haar zijn eeniggeboren Zoon schonk, zal ook een gedoopte die zich bekeerde, zijn hart in Hefde naar de wereld uitstrekken. Eens
komt de ure dat ook hij met al Gods heiligen de wereld oordeelen zal, maar in het heden der genade zal hij die wereld nog in de liefde des mededoogens omvatten, in haar midden leven, en op haar ten goede pogen te
werken, ook door
te
zijn,
en
zijn
zijn
om
roeping te vervullen,
Evangelie te brengen aan
veel gemakkelijker, hoog te loopen
een getuige van Christus
alle creaturen.
Want wel
met de Zending, en geld
is
het
te geven, en
bidstonden te houden voor een missie in het Heidenland of onder den
dan lafheid, zoo men waant er daarmee van af te zijn, en zoo men niet minstens even beslist en even manmoedig in zijn eigen omgeving durft op te treden. Alleen wie in zijn eigen omgeving op allerlei levensterrein voor zijn Heiland en voor het volk van Islam,
zijn
maar
hierin steekt niets
Heiland durft optreden,
is
waardig
die verre landen uit te strekken.
steeds op aangedrongen, zijn
zijn
hand ook
tot
Van Gereformeerde
dat wie bekeerd
eigen levenskring, te midden van
zijn
is,
op
zijn
de Zending van
zijde is er
daarom
naaste omgeving, in
gewone levenssfeer met het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's