In Jezus ontslapen - pagina 151
XXYL „(5it
if
jal
hm naam
op fiem êc^rijoeu
mijuê @obè".
overwint, ik zal liem maken tot een in den tempel mijns Gods en hij zal nit gaan; en ik zal op hem schrijven den naam mijns Gods en den naam der stad mijns Gods, namelijk des nieuwen Jeruzalems, dat uit den hemel van mijnen God afdaalt en ook mijnen nieuwen naam.
Die
pilaar niet
,
meer daar
,
,
Openharing
'i
:
12.
Eeu persoon te merken in zijn persoon, raakte bij ons in onbruik. Vroeger deed men dit veel, op de manier waarop men nu nog dieren merkt. Als drie herders elk honderd schapen op een gemeenschappelijke weide hoeden zou er over schaap en schaap eindeloos krakeel zijn indien niet op elk schaap een merk van den eigenaar stond. Zoo brandt men paarden in de kroep. En in landen zonder sloten en met groote koppels runderen het rundvee in den hoorn. Van zelf bracht de slavernij dit ook op menschen over. Toen één man soms honderd en meer slaven ging houden rees telkens geschil over de vraag wie vcm ivien was, en toen scheen het practisch het veiligst, den armen slaaf den naam of het teeken van zijn meester in het lijf, soms zelfs op het voorhoofd, te branden. Min pijnlijk doet de zeeman dit nog, door een anker met een eigen teeken op borst of arm te tattoueeren. En toen de Justitie nog over minder middelen ter herkenning van een booswicht beschikte, greep ze het brandinerken als hulpmiddel aan om een die uit den kerker ontsnapte of later haar als ,
.
,
,
,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's