Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 497

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 497

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

3 minuten leestijd

VLOEK EN SCHEPPING. en gezegd: is

d.

Ga

daar op over. Toen

is

de mensch daarop overgegaan, en zoo

het groote ongeluk gebeurd, en toen

w.

toen

z.

is

493

is

opeens de vloek gaan werken,

de stuwkracht des levens zelve tot een verdervende en

vernielende kracht geworden. Die vloek

God had

wist wat er gebeuren zou.

was dus wel terdege

het

hem

straf.

En ook God

gezegd.

Adam heeft

gewild en wil nog, dat zoodra de trein des levens uit het spoor van

zijn

ordinantie ghpt, de vaart wordt afgebroken en de vernieling intreedt. Dat

was de Scheppingsordinantie. Het anders

te

gedoogen zou geweest

een afstand doen van Goddelijke majesteit en een overgeven van

zijn

zijn

heihg

geworden mensch. Daar kan, zij het met eerbied uitgesproken, God zelf niets aan veranderen, omdat God zichzelf niet verloochenen kan. Hier ligt God door God gebonden. De vloek moest intreden. D. w. z. de door Hem geschapen bestel aan Satan of aan den zondaar

levenskracht moest in haar tegendeel omslaan, en eerst als de trein des

om

levens weer gereed was, glijden,

kon

de

kracht

ten

in

het spoor van

zijn

ordinantie voort te

verder ve weer een kracht ter behoudenis

worden en de vloek in zegen worden verkeerd. Het lijden, de ellende, de dood moeten alzoo hun werking hebben. Dit anders te stellen ware God van zichzelven vervreemden, het oorspronkelijk bestel der Schepping te niet doen, en den triomf der zonde voorbereiden. Wil men het zoo uitdrukken, dan deinzen liefde

van God voor

zijn

we

niet terug voor de uitspraak, dat de gadelooze

gevallen wereld onmachtig was,

om

deze vreeslijke

uitkomst te voorkomen. Een hefde die dat beoogd had, zou de wereld van

maar tevens van haar God beroofd hebben; want een God die alzoo zijn eigen oorspronkelijk, uit zijn wezen en wijsheid gevloeid bestel te niet deed, zou ophouden God te zijn, en zijn schepsel niet meer kunnen zaligen met zijn eeuwige liefdesgemeenschap. God moest het leven

lijden

gered,

in vloek

doen omslaan.

Maar sloot dit daarom de werking van Gods ontferming uit? Ja, indien Gods bestel ware geweest, om in het aan den trein des levens door 'smenschen moedwil overkomen ongeluk te berusten. Maar dit was Gods wil niet. Neen, de ontspoorde trein des levens zou weer op de rails zijner Goddelijke ordinantie worden gebracht, en diezelfde kracht, die nu verdierf, zou weer een kracht worden, die den trein des levens, heel den weg der het

roeping langs,

tot binnen de poorte van het heilig Jeruzalem bracht. Daartoe nu moest de vloek bestreden, moest de uitw^erldng van den vloek gestuit worden, en moest elk middel aangewend, om het bedreigde leven

van wissen dood en ondergang

Dat nu is het doel zoowel van de particuliere als van de gemeene gratie. Omdat God God is, kan de te redden.

vloek niet uitblijven, maar ook omdat

God God

is,

kan God

niet aflaten

tegen den vloek in te gaan, tot eens de almachtigheid zijner ontferming dien vloek geheel zal hebben te niet gedaan.

De

vloek moet uitbreken,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 497

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's