De gemeente gratie - pagina 592
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
HET VERZEKERINGSWEZEN.
588
ieder in de Jaarcijfers die elk jaar uitkomen,
met eigen oogen zien, dat ons kleine land de opgaven van het ééne jaar, tot in allerlei bijzonderheden toe, wonderwel op de opgaven van het vorige jaar gelijken. zelfs
in
Het
wordt moge klimmen, maar dan klimt het
getal kinderen dat geboren
men dat er b. v. het ééne jaar een en het andere jaar twintig duizend kinderen minder geboren worden. Zoo is het ook met de sterfte. Hier moge, naar
vaste proportie, en nooit ziet
twintig duizend kinderen meer,
dank
zij
de hygiënische maatregelen, daling in de
gaat ook
die
daling
sprongen. Evenzoo
is
men
reusachtige
het met de geslachten. Bijna overal evenveel jongens
en evenveel mannen
als meisjes geboren,
maar toch
cijfers zijn,
en nergens ontwaart
gelijkmatig,
als
vrouwen gestorven. Ja zoover
gaat deze regelmatigheid en vastheid, dat b.v. de Trammaatschappij te
Amsterdam jaar in jaar uit eenzelfde getal personen vervoert, en zulks wel met een vaste, gestadige klimming. Wat is nu onzekerder, wat toevalliger dan het in den tram stappen of loopen gaan? En toch, de uitkomst toont ook hier, dat er geen toeval bestaat, en dat alle menschen, bewust of onbewust, jaar in jaar uit, door gelijke motieven tot gelijke daden bewogen worden. Dit
is zelfs
zoo waar, dat over een heel land het
aantal reizigers dat van de sporen gebruik maakt, altoos weer op ongeveer gelijk
cijfer
uitkomt. Hierop
dan ook elke maatschappij voor vervoer
is
gebaseerd. Ze zou anders eenvoudig niet op te richten
zijn. Ja,
op kleinere
schaal rust hierop eigenlijk elke nering. In een gezonde nering weet
op
1
Januari vooruit, dat
en zooveel innen
zal.
Een
men
in het jaar dat
men
men
inging, ongeveer zoo
hotel wordt
overgenomen op de berekening dat meer doen verkeeren. Maar onder gewone omstandigheden
er jaarlijks zoo en zooveel reizigers afstappen. Slechte bediening, en
concurrentie, kan dit
levert elk gezond bedrijf jaar in jaar uit zekere vaste
som
op.
En
dit alles
niettegenstaande toch ieder voelt, hoe er niets wisselvalligers denkbaar
is,
dan de vraag, wie en hoeveel reizigers in elk jaar in een stad zijn moeten, en welk hotel ze in die stad zullen uitkiezen. Ge zit in een spoor, en kent er nog geen hotel.
dat
hij
Ge vraagt
u noemt, kiest
de uitkomst, dat
ge.
er naar aan een medepassagier.
Het
hotel
Louter toeval, zoudt ge zeggen. En toch, toont
zelfs in zulke
kleinigheden geen toeval heerscht, en dat
heel ons menschelijk leven, tot in de kleinste bijzonderheden toe, zulk een
wondere regelmaat
volgt, dat het
ééne
steeds aan het andere jaar gelijk
jaar,
blijft.
onder gelijke omstandigheden,
Voor ons Gereformeerden, niets
vreemds, maar voor de Pelagianen een haast ongelooflijke ontdekkiug.
waar
blijft
zoodoende hun toeval en hun
vrije
wil?
Want
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's