Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 225

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 225

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

3 minuten leestijd

221

DE GEMEENE GRATIE IN ONZE OPVOEDING.

Vrijmachtig koos Hij een heel andere wijze van voortbrenging. Niet als volwassen persoon, maar als hulpeloos wicht zou de mensch voortaan ter

wereld komen, ter wereld komen geteeld en gebaard door vader en moeder, en daardoor in de eerste levensjaren geheel van vader en moeder afhankelijk zijn. Eerst

zou het kind des menschen zelf een deel van de moeder

haar vleesch en bloed, in haar wezen schuilende. Daarna zou het uitkomen, maar om aan de moederborst gevoed en op den moederschoot

zijn,

te worden. En zoo eerst zou het kind des menschen, met zeer langzame overgangen, allengs opgroeien tot zelfstandigheid, om ten slotte vader en moeder te verlaten, zelf te huwen, en alsnu zelf eenzelfde levens-

gedragen

proces te vernieuwen, als waaruit

God de Heere

Voorts had of

hij zelf

geboren was.

het kind des menschen aldus kunnen scheppen

doen geboren worden, dat het

in

de eerste levensjaren geen invloeden

had kunnen opnemen. eerste levensjaren in staat van afhan-

kon ondergaan, en geen blijvende indrukken

in zich

mensch wel zijn hebben doorgebracht, maar dat zou niet beslissen over zijn toekomst. Hij zou die opleidingsjaren dan doorleefd hebben als in gepantserden staat. Maar ook dat heeft God de Heere niet gewild. Litegendeel,

In dat geval zou de kelijkheid

was zoo week en zacht. Het jonge kind is voor indrukken uiterst gevoehg. Wat men met de moedermelk indrinkt, of wat ons, gelijk het volk zegt, met den paplepel

Hij

den mensch geboren worden met een hart

laat

als

wordt ingegoten, blijft ons vaak heel ons leven bij en op heel ons leven nawerken. Als kindeken stonden we daar machteloos tegenover. We wisten zelfs niet wat met ons gebeurde. We werden bewerkt zonder het zelf te weten. We ondergingen invloeden, die misschien ons leven zouden beheerschen, en waaronder

laat

we

volkomen begrijpen, dat een

zich

vermetel en goddelooslijk op

doen kerk,

is,

toch volmaakt

lijdelijk

verkeerden. Dit

is,

het niet uitgesproken, voor ons gevoel iets ontzettends, en het

waarom

dat

hij

stoft,

straks den nek verhardt, er

dat het niet

En al weten God ligt, maar

zoo slecht werd.

dat de oorzaak niet in

die

zijn schuld,

wij beter, en al

maar Gods belijdt Gods

daarin, dat de zonde ook in

den organischen saamhang van geslacht op geslacht oversloop, het harde feit blijft niettemin vaststaan, dat de opvoeding aan niet weinigen ten vloek in plaats van ten zegen is geweest. Men kan zelfs verder gaan en zeggen dat, zoo de opvoeding, zonder nu slecht te zijn, toch in een verkeerd spoor wordt aarden.

Ook

geleid,

een geheel volk er door kan verzinken en ontis alleen aan de

ten onzent heeft dit gevaar bestaan, en het

energie der vrije school te danken, dat dit booze gestuit

is,

kwaad

althans ten deele

en ook voor de toekomst met hoop op goed gevolg kan worden

tegengestaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 225

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's