De gemeente gratie - pagina 104
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE PRAEDESTINATIE IN VERBAND MET „ALLE DINGEN".
100
hen
hartigheid; ten deele
betooning van
En om nu zijn
zijn
niet
om
ellende
te
laten en te
verdoemen
(p.
meer
op gelijke wijze a Brakel,
tot
noemen,
te
schrijft
tot
170).
in
„De praedestinatie is een.... eeuwig verheerlijking van zijn vrije genade eenige menschen
Redelijke Godsdienst,
Besluit Gods,
hun
in
strenge rechtvaardigheid"
I,
p.
170:
te
scheppen, onder de zonde te besluiten, en door Christus tot de zaligheid
te
brengen; alsook
te
scheppen, in zonde te laten komen, en
om
tot verheerlijking
van
zijn
om
rechtvaardigheid anderen
de zonde
te
verdoemen,"
Deze beperking van de praedestinatie tot de verkiezing of verwerping van den enkelen mensch is echter niet het eerst van deze Gereformeerde theologen uitgegaan. Veeleer
mag gezegd worden,
anders deden, dan de leerwijze volgen, die
zij
in
dat ze ten deze weinig
de oude school der God-
den invloed der scolastieken haar stempel ontving, gereed vonden. Reeds bij Thomas van Aquinp vindt men dezelfde
geleerdheid, gelijk die onder
beperking van de praedestinatie tot de voorbeschikking van het eeuwig
van mensch en engel ook al moet toegegeven dat Thomas het verband tusschen de voorbeschikking en de voorzienigheid Gods nog sterker gevoelde dan dit later het geval was. Over het algemeen genomen vergete men dan ook nooit, dat onze Hervormers en de Godgeleerden, die na hem kwamen, er niet aan gedacht hebben, om een nieuwe theologie te willen lot
;
scheppen, maar dat ze veeleer hetgeen in de scholen dusver geleeraard
werd,
overnamen,
slechts
onder
correctie
van wat men, krachtens het
beginsel der Reformatie als dwaling had ingezien. Duidelijk kan
ook
in
men dan
de aloude geschriften over leerstellige Godgeleerdheid twee zeer
onderscheidene bestanddeelen onderscheiden.
Van de ééne
zijde
een aantal
stukken, die omdat ze met het beginsel zelf der Reformatie in strijd ge-
geheel omgewerkt en nieuw in elkaar gezet zijn. Maar ook van den anderen kant een aantal even belangrijke onderwerpen, die destijds niet in den strijd gewikkeld werden, en die men, dientengevolge, zonder raakten,
eigen critiek of correctie, eenvoudig uit de boeken der
Roomsche schoolEen sprekend voorbeeld hiervan is het volgende. Volgens de leer der Roomsche kerk komt de wedergeboorte in den zondaar tot stand door den Doop. Diensvolgens werd de wedergeboorte oudtijds uitsluitend bij het leerstuk van den Doop of van de Kerk besproken, en
leeraren overnam.
men de heilsleer hoofdzakelijk onder de hoofdstukken van de Boete en het Geloof. Natuurlijk konden onze Gereformeerde theologen deze ziens-
besprak
omtrent de wedergeboorte niet overnemen. De wedergeboorte was hun niet een vrucht van de actie der kerk in den Doop, maar resultaat van een rechtstreeksche werking van den Heiligen Geest in de ziel van den zondaar. Om wel te loopen, hadden zij alzoo de wedergeboorte moeten wijze
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's