Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 223

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 223

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

2 minuten leestijd

DE GEMEENE GRATIE IN ONZE HERKOMST.

219

dezen na de geboorte komenden invloed te

en Schrift in

strijd

blijven staan.

Bezoekt God de zonde der vaderen aan de kinderen

bij

zijn,

tot in

en doet Hij weldadigheid aan duizenden onder de

het vierde geslacht,

Hem

nakomelingen van wie

liefhebben, dan moet ook hier tot in en achter

de geboorte worden teruggegaan; dan moet erkend dat de geboorte in het

Genadeverbond nog altoos met het u en uwen zade rekent, en moet eere gegeven aan de Voorzienige zorge van God voor de herkomst

tot in

zijn

uitverkorenen, die

de geslachten terugloopt.

uit

XXIX. De gemeene gratie in onze opvoeding.

En

i

hij ,

ook nog

antwoordende.

,

zeide tot

dit jaar, totdat ik

om hem

hem: Heere,

laat

LüKAS 13:

legd zal hebben.

Als vrucht van ons vorig betoog mogen

hem

gegraven en mest ge8.

we instemming verwachten met

onze bewering, dat geslachtsherkomst en geboorte uit die en die bepaalde

ouders het werk der particuliere genade in het gevlei kan komen, en dat toch hetgeen ons daarin ten goede komt, niet

w. herkotnst en geboorte, zelf

de particuliere genade behoort, maar tot de gemeene gratie.

tot

strijd

t.

die zoo dikwijls gestreden

is

De

tusschen hen, die vasthielden aan een

erfgenade, en hen die terecht beweerden dat „zaligmakende genade" geen

erfgoed nade,

lost

is,

zich

hiermede vanzelf

maar de gemeene

gratie schuilt

op.

Er

is

geen zaligmakende erfge-

wel terdege ook

in

het erfgoed dat

van onze ouders en voorouders op ons overkomt.

Toch

is

het verre van overbodig op de vaste kenteekenen, waardoor te

onderscheiden valt of

iets

particuliere

genade

of

gemeene

gratie

is,

hier

de aandacht te vestigen. Beide schijnen saam der wijs ineen te vloeien, dat

verwarring voor de hand hgt. Dit kenteeken nu elke genade

is,

ligt hierin,

dat particulier

die uitsluitend aan de uitverkorenen ten deel valt;

gemeen

daarentegen elke gratie, die aan de ongeloovigen met de verkorenen gemeen

Herkomst uit een goed geslacht en geboorte in een vergelijkenvroom gezin houdt stellig een genade Gods in; edoch datzelfde goed valt niet alleen ten deel aan Jakob, maar ook aan Ezau. Beiden hebben Abraham, den vriend Gods, tot grootvader; beiden zijn uit Izaak en Rebekka geboren, en toch vloeit deze genade alleen bij Jakob in kan

zijn.

derwijs goed en

de

lijn

der verkiezing

in,

niet

bij

Ezau. „Ezau heb Ik gehaat, en Jakob

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 223

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's