De gemeente gratie - pagina 663
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DOEL DER KERK OP AARDE.
hun bewustzijn
dan
niet anders
in de
659
hemelen, ook daar
is
bewustzijn noodzakehjk en onmisbaar, dat hun verzoend
het voor hun
zijn
opkomt
uit
dat voorwerpeUjke borgtochtelijk werk, dat hier op aarde door den Christus
volbracht
Ook
is.
de hemelen hun Heiland
vinden in
zij
óns vleesch.
in
Ook zij vinden hem in het heiligdom daarboven, Mm zaligheid bedienende. En ook hun dank gaat eeuwiglijk voor den Troon op voor wat God door op aarde ook ter hunne verlossing wrocht. nu scherp vast, dat Gods werk tweeërlei is: 1". de openbaring en de triomf van zijn recht en waarheid in de werkelijkheid van het geschapen leven, en 2". de wederbaring van wie in zonde dood was, dan is het duidelijk, dat die openbaring van den triomf van Gods recht en waarheid zoowel hier op aarde aan de kinderen der menschen als
en
in Christus hier
Houdt men
dit
daarboven aan de geschapen geesten moet plaats hebben. En metterdaad lezen
we dan
wat
ook,
Epheze
dit laatste betreft, in
3
10,
:
dat door „de
gemeente aan de overheden en machten in den hemel hekend moet worden
gemaakt de veelvuldige wijsheid Gods." De geheele plaats bij Paulus luidt aldus: „Mij, den allerminste van alle de heiligen, is deze genade gegeven,
om
onder de heidenen door het Evangelie te verkondigen den onnaspeur-
lijken rijkdom
van Christus, en allen
welke de gemeenschap der verborgenheid borgen
geweest
is
in
God, welke
alle
zij,
die
overheden en de machten
dingen geschapen heeft door Jezus
in
den hemel de veelvuldige wijsheid Gods;
naar het eeuwig voornemen, dat Hij gemaakt heeft
denwelken
in
wij
in Christus
verdrukkingen voor
mijne
Jezus onzen
hebben de vrijmoedigheid, en den toegang met
vertrouwen, door het geloof aan hem. Daarom bid in
zij
opdat nu, door de gemeente, bekend gemaakt worde aan de
Christus;
Heere;
mogen verstaan van alle eeuwen ver-
te verlichten, dat
hetwelk
u,
is
ik,
uwe
dat
gij
niet vertraagt
heerlijkheid.
Om
deze
oorzaak buig ik mijne knieën tot den Vader van onzen Heere Jezus Christus, uit
welken
al
het geslacht in de hemelen en op de aarde genoemd wordt"
(Epheze 3:8—15). Let nu op het uit
dat
welken zijn
dus
alle
slot: Hij buigt zijn
geschapen geesten. En
de roeping heeft,
om
knieën voor dien God,
hemelen en op de aarde genoemd wordt,
al het geslacht in de
niet alleen
hij
zegt ons dat de kerk op aarde
aan de geschapen geesten hier beneden,
maar ook aan de geesten daarboven „de veelvuldige wijsheid Gods" openbaring
te
brengen. Hier vat en voelt
bestemming van de
in
die
roeping en die bestemming schuilt,
is,
men
wereld optredende kerk van Christus. Die
om
ook in de werkelijkheid
de veelvuldige wijsheid Gods, die mystiek
tot
openbaring
te
brengen. Tot openbaring
voor de uitverkorenen, die na hun wedergeboorte, hier leven blijven, ze tot actueel geloof, tot bekeering, tot heiligmaking en tot
met God ze Gods
te brengen.
tot
alzoo de roeping en de
om
gemeenschap
Tot openbaring voor de engelen en de duivelen, opdat
heerlijkheid en majesteit
ontwaren zouden. Maar dan ook
tot
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's