De gemeente gratie - pagina 321
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
317
TWEEËRLEI WIL.
meet af boos ingezet zijn. Om nu deze moet men het beeld van den omgehouwen tronk, en den gevelden stam te hulp roepen. Stond er een zware doorn met wreede punten en spitsen, die verwoesting in het woud aanrichtte, en hieuw men die om, zoodat nu de gevelde stam dood op de aarde ligt, dan ziet men toch niet zelden, dat aan dien omgehouwen stam nog een stengel uitloopt, alsof de boom nog leefde. Dat is dan natuurlijk niets dan nawerking van het
hier daden en wilsuitingen die van te verstaan,
vroegere leven. In den langen, zwaren stam werden
allerlei
sappen opge-
zogen, en zoolang dan de aanvoer van die sappen nog duurt, uitbotsel.
van
En
zoo nu ook moet ge den herboren zondaar nemen.
oude leven
zijn
is
is
er
nog
De stam
wel geveld, maar er werkt nog zooveel in na van
vroeger wilsuitingen, die wel straks geheel doodloopen, maar nu met haar trillingen
nog niet tot rust
dan wel
uit
des gemoeds
het
ik,
maar
zijn
lid
familie
maal de post nog brieven van hem brengt, zijn
Met onze bekeering al
uitingen van is
ook
het verborgene
'het
is,
en dat toch twee-, drie-
als leefde hij nog.
sterven afgezonden en gingen door, en
een wijze, die geheel
De
in
per telegraaf bericht ontvangt van
der familie dat in de Oost overleden
waren vóór
nu
leeft.
Soms gebeurt het dat een een
gekomen. Ook zulke zondige daden komen
niet uit het ik zooals het
strijdt zijn
met de werkelijkheid. En zoo
we
Die brieven
komen nu aan op is
het ook hier.
volstrekt niet opeens van het andere ik
dat ik werken soms nog over
maanden en jaren
na,
af.
en
andere ik reeds lang gestorven in het middelpunt van ons
daarom komen de uitingen van dat vroegere ik, en dat dien vroegeren wil, nog pas later in den omtrek aan, en treden van daar het leven in. Dat nu Gods kind ook hiertegen moet leven,
en met Christus begraven,
waken, bidden en
strijden,
en dat de kerk daartegen steun heeft te bieden,
door predikatie, sacrament, tucht en gemeenschap der heiligen, spreekt
Doch daarover handelen we thans niet. Wat ons bezig houdt is niet de vraag, hoe we dit kwaad kunnen keeren, maar alleen hoe het opkomen ervan te verklaren is; en dat meenen we is thans duidelijk gevanzelf.
maakt. Duidelijk gemaakt, niet door de ^onmogelijke voorstelling te huldi-
gen van twee menschen wijzen, dit
in
in
onzen éénen persoon, maar door er op te
dat er onderscheid bestaat tusschen het wezen van ons
de kiem van onze persoonlijkheid school reeds eer
waren, en het bewustzijn van ons
ik,
ik, gelijk
we geboren
waarin die persoonlijkheid uitkomt
Waren die beide steeds één en dekten ze elkaar elk oogendan zou onmiddellijk na de wedergeboorte heel ons bewustzijn en heel onze wil, in beider alzijdige uitingen, volkomen heilig moeten zijn. naar buiten.
blik,
Maar dit is niet het geval. We staan hier voor een proces met zeer langzame overgangen. En dit nu is de oorzaak, dat ons ik anders in ons wezen kan zijn, dan het werkt en uitkomt naar huilen. Een kind uit een zuiver
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's