In Jezus ontslapen - pagina 246
230
„DAAR ZAL WEENING ZIJN EN KNERSING DER TANDEN ".
Zoo waant men van de hel te zijn afgekomen. Zelfs in prediwordt van de liel ternauwernood nog zijdelings gefluisterd. En de uitkomst is dat duizenden en nogmaals duizenden onverscliillig, gedachteloos, of met een valsche hoop wegsterven, en dat de aangrijpende waarschuwing van Jezus geen vat meer heeft op hun hart.
katiëii
,
Wat
loochenen van een eeuwige rampzaligheid zijn ontkenning laat rusten? Bij allen die nog met een albesturend God rekenen dit, dat het met de Godsidee, en bijzonderlijk met de liefde Gods, niet te rijmen ware, 's werelds loop met zulk een ontzettende uitis
nu
bij
de grond, waarop
komst
dit
men
te laten eindigen.
Dit echter weerspreekt zich zelf. Yraagt meii toch diezelfde geleerden, wat Jezus' hooge voortreffelijkheid was, dan antwoorden ze: Zijn zuivere Godskennis. Zelfs op Jezus' zedespreuken hebben ze aanmerkingen. Maar dit ééne laten ze dan nog aan den Heiland, dat zijns een gemeenschap met God, zóó vroom, zoo innig en zoo teeder was, dat hij op dit punt openbaring en richtsnoer blijft. En zie, terwijl nu voor dienzelfden Jezus, wiens kennisse van God volgens hun eigen toegeven de volkomenste was, de voorstellingen van een eeuwige rampzaligheid met zijn Godsidee en met de liefde Gods volkomen rijmden, houden zij staande dat dit niet kan, dat het ondenkbaar, dat dit niet te rijmen en de ongerijmdheid zelve is. De één maakt er dan van, dat na den dood de hier aangevangen ontwikkeling voortgaat: een tweede, dat er ook na den dood nog gelegenheid tot bekeering is; een derde, dat na den dood bitter leed, voor zekere periode, juist middel zal zijn om wie God<leloos stierf met God te verzoenen; en een vierde, dat er wel zijn die nooit terecht komen, maar (hit dezen dan vernietigd worden, zoo dat ze niet meer bestaan; wat men dan noemt: de voorwaardelijke onsterfelijkheid. Onsterfelijkheid alleen voor wie hier of hiernamaals zich bekeert, maar vernietiging en ophouden te bestaan voor wie zich gewetenloos, tegen God blijft verharden. hier en hiernamaals ,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's