Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 190

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 190

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

2 minuten leestijd

DE VOLHEID DER TIJDEN.

186 der gemeene gratie

dogma der gemeene

Naar

eenemale afgesneden.

ten

luid toch

van het

gratie belijden wij, dat de toebereiding der mensclie-

natuur, waarvan de volheid der tijden het resultaat bracht, niet een werk van menschen was, maar eeniglijk een werk Gods; en wel een zoo-

lijke

God volvoerd

danig genadewerk, dat

menschen

Wat

huns ondanks,

in,

en streven

dank

niet

is,

heeft tegen het willen en woelen der

spijt

van hun verzet en tegenwerking.

van God ten opzichte van zichzelven

elk kind

geschied

te

zij

zijn

belijdt,

medewerking, maar tegen

dat

zijn

hem genade

eigen bedoelen

dat wordt dan ook de blijde en vreugdevolle, maar tevens

in,

diep beschamende beUjdenis der gemeente ten opzichte van den Christus. Zij

menschen hadden ons

zegt niet: „Wij

in

de dagen van keizer Augustus

zoover ontwikkeld, en waren uit eigen kracht zoover gekomen, dat alstoen

de verschijning van den Christus mogelijk werd." Maar ze belijdt heel

omgekeerd: „Wij menschen hadden ganschelijk onzen weg verdorven, en

komst van den Christus zijn toebereid geweest, gemeene gratie tegen onze zonde ware ingegaan, de duivelsche doorwerking der zonde gestuit had, en dank zij deze zijn gemeene gratie een toestand in het leven had geroepen, waaruit de Christus de menschelijke natuur kon aannemen, en zijn Middelaarswerk nooit zou deze aarde op de

bijaldien niet

God

in zijn

kou doorzetten."

Hieruit bhjkt genoegzaam van hoe uitnemend belang de belijdenis van

de gemeene gratie met

gemeene

die

gratie

name voor

toch

blijft

het

dogma van den Christus

is.

Zonder

de intrede van Christus in deze wereld

óf

buiten alle verband met het verleden, wordt daardoor onhistorisch, en leidt

vanzelf tot Doopersch dualisme. Of wel zijn komst wordt historisch

met het verleden

in

verband gebracht, maar

gif te laten insluipen,

en ten

slotte

belijdenis

om

alsdan het Pelagiaansche

den Christus ten deele uit ons zelven

de belijdenis van

zijn

God-zijn

van de Vleeschwording des Woords,

menschelijke natuur door den Zone Gods

komt

te verklaren,

aan te randen. De zuivere als

aanneming van onze

alleen tot haar recht, zoo

ge ook in wat achter de kribbe van Bethlehem hgt, niets, volstrekt niets eert

dan het doen Gods,

zijn

genadedaad aan ons geslacht, en wel een

genadedaad die tegen ons bedoelen in

de gemeene

juist inging,

door de werking der zonde

gratie te stuiten. Bij elke andere voorstelling is het, alsof

God, na ons uit het Paradijs te hebben verdreven, de wereld aan zelve

overlaat,

betoont,

en eerst weer

om wat

bij

de kribbe van Bethlehem

zijn

zich-

genade

door ons verwoest en bedorven was, te herstellen. Zelfs

Abrahams tente en in Israël blijft dan ongemotiveerd. Waarom toch de geloovigen eeuw na eeuw vruchteloos op de komst van den Messias doen uitzien, indien die komst evengoed reeds het tusschenbedrijf in de arke, in

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 190

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's