De gemeente gratie - pagina 530
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
HET LIJDEN SOLIDAIR.
526
doen
te
staat,
uw
heel,
uw
niet onder
is
uw
bestraffen, uit
maar
straf te bezwijken,
ongeloof weer tot geloof te komen,
En
slingerend geloof weer vast te maken.
uw
uitkomst, dat zóó
geloof niet
uw
urv ongeloof te half-geloof
doet ge
dit,
dan
de hand van
medicijn der
Uw
ziel.
uw
is
de
teruggekeerd, of de bange gewaar-
is
wording van straf wijkt aanstonds weer, en ge gevoelt u weer kastijd kind in
weer
als ge-
kastijdenden Vader. Het lijden wordt
smart wordt instrument ter heihging.
waaronder ge gebukt gaat, treedt voor u
als uitvloeisel
De
ellende
van „particuliere
genade."
Het kan dan ook
niet
genoeg betreurd, dat
de Kansel ten deze zulk twijfelachtig,
keerd geluid
gemeente
zelfs
bij
voorkomende volksrampen
al
te
vaak zoo gansch ver-
Gedurig hoorde men dan spreken van een ban die op de
gaf.
en van de zonde die aan de gemeente werd thuisgezocht,
lag,
en van het bange oordeel Gods dat over de zielen hing.
dan van
zijn
Men had
zonde te bekeeren; daarna zou God weer genadig
op die wijs zou de
straffe
zich
zijn;
en
der pestilentie worden weggenomen. Het lag
men hieraan kwam. Lezende wat in het Oude Testament over de nationale toestanden gezegd was, en door God met zijn uitwendig volk Israël was verhandeld, en wel verhandeld in de tijden van zijn bijzondere openbaring, ging men ditzelfde nu toepassen op de kerk des Nieuwen Verbonds, in weerwil van de rechtvaardigmaking des geloofs, en nadat deze bijzondere bedeeling had opgehouden. Doch hoezeer zulk voor de hand, hoe
een prediking ook aangreep en in zulke tijden wel gewild was, toch hield ze geen steek. op, gelijk
Jona
Treedt te
staan, of voor een juist.
Maar men
men
Ninevé
d.
in i.
zulke dagen voor een ongeloovige schare
voor lieden die buiten het geloof in Christus
gemengden hoop
feilde, indien
men
vrij
van straf en
uit
dan
is dit alles
volkomen
ook toepaste op de gemeente
Een schare van verlosten het oordeel weggenomen. En ook bij
der heiligen die in Christus Jezus Christus
uit het volk, dit alles zijn.
is in
alge-
meene volksrampen, die met hen die buiten staan, ook de gemeente treffen, moet juist heerlijk in het midden der gemeente de bazuin des geloofs weerklinken, vol
moet het ongeloof en kleingeloof
bestraft, het geloof,
en krachtig, weer opgewekt en verlevendigd worden, en moet juist
daarin de heerlijkheid van Jezus' gemeente uitkomen, dat, terwijl de andere
dagen ineenkrimpen van angst en ontzetting, Gods lieve moede zijn, en geen straf ervaren, maar alleen de kastijding van hun heven Vader in de hemelen ondervinden, omdat ze in Christus zich verzoend en geborgen weten. En het is gedragen door die heerlijke, bezielende gedachte, dat dan juist van de gemeente des levenden Gods de kracht ter bemoediging ook voor anderen moet uitgaan, dat liefde en mededoogen met de lijdenden moet worden betoond, en dat uit frissche lieden in zulke
kinderen
blij
te
veerkracht de maatregelen moeten voortkomen,
om
zulk een pestilentie
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's