Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 234

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 234

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

2 minuten leestijd

230

BEROEP EN LEVENSLOT.

verplichting dan ook een ongemeene gift van gemeene gratie. En ouders, voogden en onderwijzers, die hun kinderen, pupillen of leerlingen, laten „lummelen en scharrelen", zooals de leelijke woorden voor dit leelijke

nietsdoen luiden, en hen niet van meet af aan geregelden arbeid gewennen,

staan

schuldig

niet

maar

kinderen,

aan het verspelen van de toekomst hunner

alleen

ook aan hun zedelijk bederf.

Spreukendichter gedurig

wijst,

is

De

waarop de

„tucht"

van den gere-

niet het minst de tucht

God danken,

gelden arbeid, en wie zichzelven in hooger zin hefheeft, zal

maar

niet als hij niets te doen heeft,

arbeid

druk

heeft,

want drukke

een schild tegen het kwaad.

is

Doch ook beroep

als hij het

als

afgezien van de

„gemeene gratie"

zoodanig schuilt,

ligt

ook

den arbeid van

die in

alle

bijzondere beroepen soms een

in

gratie, waarvoor we onzen God, zoo ze ons te beurt danken hebben. In zeer breede klasse der maatschappij is de vrouw in haar beroep zooveel meer beveiligd dan de man. Neem een opperman, die eiken morgen als nauwlijks het licht aan den hemel staat,

buitengewone gemeene te

valt,

zijn

deur

zijn

schouders beurt, en naar den metselaar opdraagt,

laat,

uit

moet, heel den dag steenen op een hoopje stapelt, en ze op

de dag doorleefd

als

om

eerst

's

avonds

huiswaarts weder te keeren; en vergelijkt

is,

daarmede de vrouw van dien opperman, die stil thuis bleef, geen steenen van den hoop, maar haar kinderen uit het bed tilde, ze wiesch en kleedde en verzorgde, en met

allerlei

Wat waren

afwisselenden arbeid bezig was.

die steenen niet doodend voor het menschelijk hart, en wat kon dat

bezig zijn thuis het hart van die

vrouw

niet

stille

vormen en ontwikkelen. Of

ook van twee broers wordt de één predikant en gaat de ander het leger of gaat varen op zee. Hoeveel heerlijke indrukken uit hooger levens-

in

sfeer ontving

nu

niet

ander bloot.

niet de

de één, aan wat gelegenheid tot verleiding stond

En

zoo zal

men

heel het leven doorgaande, telkens

vinden, hoe de één in zijn beroep een natuurhjk middel vindt, verlustigen terwijl de te

gaan

;

gehouden

m

en bezig te

ander

in

zijn

met hooge,

de eentonigheid van

en evenzoo dat de een door w^ordt, terwijl

heilige,

om

zich te

verteederende dingen,

zijn stoffelijk

beroep dreigt onder

beroep

braafheid en deugd

zijn

de ander juist door

zijn

bij

beroep aan

allerlei onze-

delijke verleiding is blootgesteld.

Wat toch is de bewegende oorzaak, dat de één een zoo gelukkige roeping ontvmg, de ander een zoo gevaarlijke, en dat met een verschil dat vaak uitliep op zedelijke verheffing voor den één en op zedelijken ondergang voor den ander. En ook hier antwoordt God Ook

niet

hier het mysterie!

van

zijn

stof te buigen.

heilig

Maar

doen,

en hebben wij ons eerbiedig voor

dit staat

dan toch

vast, dat

Hem

in het

wie een gelukkig beroep

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 234

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's