De gemeente gratie - pagina 72
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE DOOPERSCHE OPLOSSING.
68
Luthersche en Gereformeerde gezindten geworden. Op het laatst der 16^^ eeuw heeft men in Duitschland de handhaving van het exorcisme zelfs met gevangenisstraf doorgedreven, en nog in 1822 heeft de nieuwe Berlijnsche
nogmaals opgenomen,
hotiiturgie ze
al
mag
gezegd, dat van heverlede ook
op dat punt Duitschland het beter en helderder inzicht der Gereformeerden begint te erkennen. De invloed en nawerking van deze oude Duitsch-
Luthersche denkbeelden
intusschen ook hier te lande onder de Ethischen
is
nog zóó sterk geweest, dat het bekend studiehuis, de opgekomenen van kamer
is,
hoe
bij
de inwijding van zeker
tot kamer zijn getogen, om in elke kamer de tegenwoordigheid des boozen door gebed te bannen. Zoo lang en zoo ver kan zulk een richting nawerken. Nu wane intusschen niemand dat de Gereformeerden, al verzetten ze
kamer neder
tegen
zich
te knielen,
alle
en
uit elke
wijding en exorcisme, zóó
zelfs,
dat ze allerminst van de
inwijding van een kerk spreken willen, deswege de geestehjke waarheid
ontkennen zouden, die aan deze verrichtingen ten grondslag ligt. Het is wel zoo, dat in onze dagen zeer velen aan die diepere beschouwing ver-
vreemd
zijn,
maar
in
de dagen onzer vaderen was
dit volstrekt niet het
geval, en wie de eerste schoone Vraag van den Heidelbergschen Catechismus, met het Antwoord erop, aandachtig naleest, zal hiervan het bewijs in
handen hebben. Die Vraag toch handelt van des Christens staat
én in sterven, en heid,
sluit in
in leven
het Antwoord heel de menschelijke persoonlijk-
beide naar ziel en lichaam
in.
En wat
betuigt
nu de Catecliismus
van deze aldus verstane volle menschelijke persoonlijkheid? Ten eerste, dat de zondaar onder het
.,geweld", d.
Duivel was, zoodat de Satan
zijn
heer,
i.
hij
onder de heerschappij van den Satans slaaf en eigene, en ge-
heel zijn existentie in den band vau Satan besloten was.
Ten tweede, dat
de zondaar, die Christen werd, van onder deze heerschappij en
uit
alle
het geweld
is
uitgegaan,
geweld des Duivels verlost is. Ten derde, dat i. onder de heerschappij van Koning Jezus verkeert, en diens hij
thans onder
d.
dienstknecht, lijfeigene of „eigene" geworden verlossing uit
Satans macht volbracht
is,
is.
En
ten vierde, dat deze
niet door wijding of exorcisme,
en bevestigd wordt door den Heiligen Geest. Van oppervlakkigheid alzoo geen sprake. De heerschappij van Satan over den
maar door Christus
zelf,
zondaar wordt
werkelijk verstaan.
als
knecht der zonde. Wie
vrij
in
Wie de zonde
doet, is een dienst-
Christus zal staan, moet van onder die
heerschappij van Satan uit en in de heerschappij van Christus overgaan.
We
worden overgezet uit het rijk der duisternis in het rijk van den Zoon zijner liefde. Er grijpt breuke plaats. Breuke met Satans macht, om onder de macht van Jezus te komen, en er onder te blijven. Alleen maar deze overgang, deze overzetting van terrein op terrein, van rijk in rijk, van macht onder macht, wordt niet teweeggebracht door de daad van een mensch, of door een daad van de kerk, maar door het werk der genade
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's