Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 191

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 191

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

2 minuten leestijd

DE VOLHEID DER TIJDEN.

187

Noachs dagen denkbaar ware geweest? Stemt men daarentegen

in

toe,

dat hiervoor goede reden bestond, dat er in dit uitstel geen willekeur lag,

maar dat

er aan

voorafgaan, dan

is

Christus'

komst een voorbereiding

moest

in Israël

hiermede reeds erkend, dat er een werk Gods achter

Bethlehem ligt, dat op Bethlehem doelde, berekend was en paste, en dus ook voor Bethlehem onuiisbaar was. — En wordt dft liclder ingezien, dan ontstaat hierdoor vanzelf de tweede vraag, of namelijk de historie van Israël een oliedrop op de wateren is geweest, d. w. z. of Israël geleefd en zich

ontwikkeld heeft zonder verband met de buitenwereld; óf wel dat

hetgeen

in

Nu

menschelijk geslacht in verband stond.

geheele

Israël, dat uit

met de ontwikkeling van het

voorviel op allerlei wijs

Israël

metterdaad

dit laatste het geval

een eigen heilig zaad, en ook de historie der

al

ontkiemde Israël

groeide het op eigen wortel, toch

van Abrahams dagen

toont heel Israëls historie

durig in

al

toont de historie van

Ook

was.

af,

dat zijn verleden ge-

andere volken wordt ingeweven, en dat achtereen-

volgens Egypte, Babyion, Griekenland en Rome's keizerrijk op

allerlei wijs

den toestand van Israël hebben beheerscht. En dit nu zoo zijnde moet dus van tweeën één erkend. Of dat hetgeen buiten Israël voorviel, geheel buiten Gods genadebestel lag; maar dan

komt ge weer tot de slotsom, dat de vorming van Israël voor een deel aan ons menschen te danken is geweest. Of wel ge erkent, dat de invloeden die van buiten af op Israël werkten, niet anders dan onder Gods bestel

konden staan; maar dan

genade Gods óók

in

is

hiermede ook tevens beleden, dat de

het leven dier andere volken aan ons menschelijk

gekomen. Iets waaruit dan rechtstreeks voortvloeit, dat de Vleeschwording van het Woord alleen dan geheel en onverdeeld aan de genade Gods wordt dank geweten, zoo ge beide even volstandig belijdt: én dat zijn particuliere genade wrocht in Israël en in

moet

geslacht ten goede

Maria, én dat zijn

zijn

gemeene

gratie

een eigen doel nastreefde, en

in

de

volheid der tijden bereikt had, in het leven der volkeren van rondsom.

XXV. De gemeene gratie in het genadeleven.

Ik

dan doe datzelve nn niet meer, maar de zonde die Eom.

in mij woont.

Nu

het onderzoek naar

Christus en

zijn

7

:

17.

de beteekenis der gemeene gratie voor den

Middelaarswerk ten einde

is

gebracht, gaan

we

gehjk-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 191

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's