Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 394

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 394

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

3 minuten leestijd

GEBONDEN EN TOCH

390

het leven der plant of van het dier,

blijft

VEIJ.

het zedelijk karakter van ons

menschelijk aanzijn ten einde toe overstaan. In de hel tot een

maar

gedaald,

er geen besef

in

zelfs

meer

zijn

van den worm

die

heerlijkheid volstrekt niet te boven gekomen, zijn

minimum

de hel nooit geheel uitgewischt; anders toch zou

hoogste volkomenheid.

Omdat

knaagt; en in het

maar

der

rijk

alleen opgevoerd tot

er alsdan geen strijd

meer

zal bestaan,

na de beëindiging van van de kinderen Gods ontplooid zijn. Maar hoe streng w^e dit ook vasthouden, toch neemt dit het feit niet weg, dat wij proefondervindelijk het zedelijk leven niet anders dan „in het teeken van de zonde" kennen. Wat adder het opkomen der zonde ligt, maakt diensvolgens op ons den indruk, als we ons zoo mogen uitdrukken, als had het vanzelf geloopen, en denken we ons in in het Rijk der heerlijkheid, dan kunnen we ons zal

dien strijd het zedelijk leven in de volle

juist

vrijheid

evenmin voorstellen, dat er nog toezicht en bestuur van een Voorzienig

God noodig

zou

zijn.

Ook

dan,

om

dezelfde uitdrukking hier

met

geen stoornis in

te

duchten staat of kan voorkomen, heeft datgene wat wij

subjedieven zin

terrein,

allen

Waar

eerbied te herhalen, zal voor ons besef weer alles vanzelf loopen.

Gods Voorzienige zorge noemen, geen is wat we,

geen sfeer voor haar werkzaamheid. Het

plaats, bij

geen

het begin

dezer bespreking zeiden, de Voorzienigheid vervult subjectief voor ons de rol

van den medicijnmeester, die het kranke herstellen en levensgevaar

afwenden komt, en natuurlijk waar geen krankheid meer voorkomt of denkbaar is, blijft voor den arts niets te doen over. Nu is dit absoluut genomen uiteraard ten eenemale onjuist. De Voorzienigheid, gedacht als instandhouding en regeering aller geschapen dingen,

vangt niet eerst aan met de zonde, en eindigt evenmin als de zonde

zal

zijn te niet gedaan, maar begint terstond aan de Schepping en kan nimmer een einde nemen. Het ophouden der Voorzienigheid zou de wegzinking van het heelal in het niet zijn. In onze belijdenis, de zaak nu absoluut genomen en van Gods zijde bezien, moet derhalve de Voorzienigheid voorkomen, als zich uitstrekkende van het oogenblik af dat de Schepping voltooid was, of wil men van Gen. 2 1, tot in alle eeuwigheid. Niet hij aUeen :

is

de

ruiter,

die

met

zijn

paard moet worstelen, en met teugel, spoor en

zijn paard in bedwang moet houden, maar het volkomenst zelfs komt het meesterschap van den ruiter over zijn ros uit, als van verzet of worsteling niets meer te merken valt, en het edel dier, als ware het met zijn ruiter één geworden, regelmatig en met volleerde volgzaamheid zijn

rijzweep

meester zóó gehoorzaamt, dat er van kastijding of beteugeling zelfs geen sprake meer is. En zoo ook komt de Voorzienigheid Gods volstrekt niet alleen daarin uit,

dat Hij deze wederspannige wereld in toom houdt, en

het woeden der volken en de razernij der boozen belacht, maar Voorzienig meesterschap van

God over

heel zijn wereld

zal

dat

eerst diin in volle

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 394

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's