De gemeente gratie - pagina 117
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
VERBAND VAN PRAEDESTINATIE EN SCHEPPING. zijn v^erk
113
zichzelven te verheerlijken, mits zóó, dat vaststa, welke personen
herboren menschheid zullen
uitmaken en welke
niet, immers dan gemeene gratie niet van dat besluit der Voorbeschikking kan worden uitgesloten. Immers zonder die gemeene gratie zou er geen ontwikkeling van ons menschelijk geslacht geweest zijn, maar heel ons geslacht reeds bij Adam in den eeuwigen dood zijn afgesneden geweest. Zonder die gemeene gratie zou er geen plek op aarde voor Gods kerk geweest zijn, om op te komen en zich te ontplooien. En ook zonder die gemeene gratie zou voor de uitverkorenen zelven geheel
die
springt het terstond in het oog, dat de
die voorbereidende genade ontbroken hebben, die ons Arminiaansch als
we haar
particulier nemen, en die alleen als deel der
maakt
gemeene
gratie
recht en reden van bestaan heeft.
XV. Triomf over Satan.
Maar
toch,
o
mensch, wie
woordt? Zal ook het maaksel heeft,
zeggen:
Waarom hebt
zijt
tot gij
gij,
die tegen
God
mij alzoo
gemaakt? EoM. 9
We
achten,
dat het ons metterdaad gelukt
is,
ant-
dengene, die het gemaakt
:
20.
door onze drie vooraf-
gaande opstellen de „gemeene gratie" in haar organisch verband met het overige lichaam der Dogmatiek te doen uitkomen. Tot dusver veler schatting
meene
meer een op
zichzelf
was het
staande Dogmatiek, en dan de
gratie" of algemeene genade die er zoo
hij
in
„ge-
kwam. Een aanhangsel,
een toevoegsel, een óók niet te vergeten genadedaad, maar buiten samen-
hang met het overige genadebestel. Thans echter kwam dit heel anders Gods voort, welnu, dan moest ook aan die „gemeene gratie" haar plek en plaats in dat Besluit aangewezen. Zoo
te staan. Vloeit alles uit het Besluit
vloeit
ze
met
die particuliere genade, als eigen,
maar toch even
frissche,
heldere beek van de bergen van Gods heiligheid naar de vlakte dezes
aardschen levens neder. Doch zelfs dit was ons niet genoeg. In het altoos
ééne Besluit, plegen
we
zonderen en op zichzelf
toch het Besluit der Voorverordineering af te te
nemen, en zoodra de Voorbeschikking
is afge-
zonderd, hangt aan haar de finale van het Heelal, de eindelijke glorie onzes
Gods, en in die glorie dan tevens de zaligheid en de heerlijkheid van zijn
gunstvolk. Al gaf IL
men
al
derhalve toe, dat de „gemeene gratie" uit het 8
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's