De gemeente gratie - pagina 130
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
ONDER ONS GEWOOND.
126
handen gemaakt, maar eeuwig in de hemelen." De tabernakel staat tegenover den tempel, gelijk de tent tegenover het huis, reden waarom de tabernakel ook de „tente der samenkomst" werd genoemd; en altoos blijft de grondgedachte dezer tegenstelling, dat wie tabernakelt of nog in de slechts
tente verkeert,
tijdelijk
huis woont,
blijvend verkeert.
Het Woord
is
wilt ge,
vertoeft, terwijl hij die in een
of
vleesch geworden, en heeft onder ons getabernakeld, of
onder ons,
als in
een tente verkeerd, dan
is dit
niet hetzelfde
„en heeft onder ons gewoond.'" Wonen, duurzaam, bhjvend wonen
als:
onder
zijn
volk zal de Christus eerst in het rijk der heerhjkheid. Zijn
vertoeven onder ons in de dagen der apostelen bleef een dragen.
een zich
Het was tijdelijk
band treden, er heerlijkheid
zijn
gebouw
Als Johannes dus van den Christus zegt:
niet een
opgaan
in onze
tijdelijk
karakter
levensgemeenschap, maar toch
aan onze levensgemeenschap aansluiten, er meê
zich in openbaren.
in ver-
Er volgt dan ook op „En wij hebben als des Eengeborenen van :
aanschouwd, een heerlijkheid
den Vader."
Op er
beide
nu
lette
men. Eenerzijds
uitgesproken, dat Jezus
ligt er in
met
leven in onze levensgemeenschap inging, maar ook anderzijds wordt
zijn
op gedoeld, dat het ingaan van Jezus
nog onvolkomen karakter droeg. De vraag schap
men
is
dit
hier bedoeld? óf
En dan
is
in
onze levensgemeenschap een
rijst
nu: Welke levensgemeen-
tweeërlei antwoord mogelijk.
zóó verstaan, dat hier alleen sprake
is
Dan kan
van de levensgemeen-
schap met het geestelijke in de kinderen Gods, óf wel het zóó opvatten,
met ons menschelijk leven, Het eerste nu zou de eenig juiste opvattmg zijn, bijaldien Jezus, na zijn geboorte, afgezonderd ware gebleven van de gewone maatschappij in Israël, en als het ware opgesloten was geweest in den engen kring der heiligen, en in dien kring der heiligen alleen met het geestelijke in dien kring gemeenschap had gehad. Dan zouden de woorden: „en heeft onder ons gewoond", niet anders kunnen slaan dan op zijn vertoeven onder de kinderen Gods, en wel uitsluitend op zijn vertoeven onder hen dat gedoeld wordt op de levensgemeenschap als
zoodanig.
in geestelijken zin. Dit echter weerspreekt heel het Evangelie. Jezus sluit
zich niet op in den engen kring der geloovigen,
maar gaat
uit
op de volle
markt des levens en verkeert onder de schare. Hij zoekt de zondaars en de tollenaars. En dat niet alleen, maar wel verre van enkel het geestelijke als
aansluitingspunt te zoeken, geneest
hij
ook de kranken,
gerigen, en laat zich ook in den engen kring der zijnen bedrijf en leven
in.
Dat het Woord niet maar Vleesch
spijst
met hun is
de hon-
dagelijksch
geworden, maar
ook onder ons gewoond heeft, wijst alzoo op een wijze van ingaan in onze in breederen zin omvat. Dat het wel het uitgangspunt voor deze gemeenschap,
levensgemeenschap, die het raenschelijke
Woord Vleesch werd,
is
maar toch zonder meer zou
die
Vleeschwording nog niet
tot wezenlijke
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's