De gemeente gratie - pagina 228
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE GEMEENE GRATIE IN ONZE OPVOEDING.
224
grondslag. Juist
het leven van
omdat het kind nog geen eigen leven heeft, bootst het omgeving na. Gelijk een spiegel de beelden die voor het niet werkelijk maar nabootsend weergeeft, zoo ook spiegelt
zijn
glas verschijnen,
zich in het kinderleven het reëele leven der ouders
Ouders, die ook
af.
bij
de zorgvuldigste opvoeding, niet op de omgeving van hun kinderen letten,
braken dan ook vaak met de eene hand
wat ze met de andere
af,
bouwden. Zelfs wie verkeerde familieleden, omdat ze familie
dwongen wijten,
de omgeving van
in
als
men de omgeving van zijn kinderen tot op heeft men dat nooit geheel. Broeders en oudere op de jongere
mocht waarlijk
om
zelf te
al heeft
zekere hoogte in de hand, toch zusters moeten
saamleven en
de invloed van broeders en zusters, vooral van de
zelfs
is
zoo ongemeen groot. Voorts
aan den invloed van wie geschiedt,
Doch ook
op-
te onge-
kinderen toelaat, heeft het zich
zijn
straks de schadelijke gevolgen uitkomen.
saamopgroeien, en
zijn,
in
niet te
is
ontkomen
onze woning als dienstboden optreden, al
het huren van dienstboden wel iets meer dan gemeenlijk
bij
de kinderen gedacht worden. Buiten onze omgeving in engeren
om, valt ook te rekenen met de omgeving van familieleden, van vrienden,
zin
van kennissen, van werkvolk op den winkel, en zooveel meer. Voorts hier vooral
van gewicht, de omgeving die een kind zich
zelf kiest,
is
onder
de jongens en meisjes met wie het omgaat, met
zijn schoolmakkers en omgeving zeker niet het minst aanmerking, de omgeving van de kerk waartoe het kind door zijn doop
En
speelgenooten. in
behoort.
Van
komt
eindelijk
bij
die
deze samenstellende deelen van
alle
zijn
omgeving, gaat op
het kind invloed uit; een invloed soms zoo sterk, dat niet zelden de vrucht
der opvoeding er geheel door gewijzigd wordt.
Ook
hier
nu geldt
het, dat alle deze invloeden, die
van deze zeer onder-
scheiden personen uit onze omgeving op ons uitgaan, zoowel ten goede als ten
kwade kunnen werken. Er
jongere zegenen, er
kind goed, er
zijn
zijn
oudere zusters en broeders die de
zijn
Er
er die ze verderven.
zijn
familieleden die het
er die het kind kwaad doen. Vrienden, kennissen, en
ook dienstboden kunnen ons opheffen, maar ook verlagen. Kameraden en
speelmakkers kunnen ons van het kwade aftrekken, maar ook naar het
En ook de kerk waartoe we behooren, kan
booze lokken.
ons ondermijnen, of ook het heihge in ons sterken. Het lijkheid
Is het
is
het heilige in
steeds de moge-
van een tweeledige uitwerking, die ons doet zinken of ons opheft.
nu dat
uw
lot viel in
goede op u uitoefende, te geven, degelijkheid
richten op
wat
groot voorrecht
om
een omgeving, die op alle manier invloed ten
u tot ernst
van karakter
liefelijk
is
en wél
in
te
stemmen, u
u aan
luidt,
te
dan
zin voor het heilige
kweeken, en is
uw
geest te
u hierin een ongemeen
geschonken, en dat boven zoo menig ander, die uit
zijn
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's