De gemeente gratie - pagina 302
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
HET ZEDELIJK GOEDE IN DEN ONWEDERGEBORENE.
298
deele
achterstaan, ja ten voelt ieder,
die
dit
punt
zelfs,
de anderen een schreef vooruit
eerlijk
indenkt,
beantwoordt aan wat ge verwachten zoudt,
nog
lieden der wereld
geborenen overgezet leggen
we nadruk
het
rijk
des
lichts. Zelfs
op, dat er in nering en bedrijf, in
wegingen lieden der wereld
zijn,
toch
dat de
en de weder-
moet erkend, en hier gesprekken en over-
die grootere nauwgezetheid, lieden ook
weldadigheid betoonen, dan menig ander, aan wiens kind-
die grootere
schap ge
uw wetenschap
bij
in het koninkrijk der duisternis zijn,
zijn in
zijn,
dat het verschü volstrekt niet
naar het oordeel der liefde toch niet
twijfelt.
Lang
niet
zoo
zelden worden de kinderen Gods ten deze door de kinderen der wereld
beschaamd. En staat nu desniettemin ik
wedergeboren
is,
vast, dat in deze
en niet alleen „niet zondigt,
maar
kinderen Gods het niet
kan zondigen",
dan voelt en tast toch een ieder, dat hier maar één uitweg ter verklaring is, en dat deze uitweg liggen moet in de zeer onderscheidene verhouding, waarin de werking der gemeene gratie, die aller is, staat tot de werking der particuliere genade, die uitsluitend werkt in de kinderen Gods.
Gemeenlijk in
stelt
men
het zóó voor, alsof de gemeene gratie alleen werkt
de n^e^wedergeborenen, en alsof alles wat in de geloovigen ten goede
uitkomt, vrucht
is
van de particuliere genade. Maar het kost weinig moeite
in te zien, dat dit niet opgaat. Bij die onderstelHng toch zou lang niet zoo
zelden de gemeene gratie meer en beter vrucht afwerpen dan de zalig-
makende genade, en een ieder onzer, die zich beschaamd gevoelde door de meerdere zachtheid van humeur, de ruimere milddadigheid of de teederder gemoedsstemming van den ongeloovige, zou daarin tevens een bewijs bezitten, dat niet de zaligmakende, maar de algemeene genade de kracht tot betering des levens in zich draagt. Maar afgezien hiervan, is het klaar als de dag, dat de gemeene gratie werkt door allerlei gegevens, die evengoed invloed oefenen op den bekeerde
als
op den onbekeerde.
Bij
beiden
werkt afstamming en geboorte, op beiden had de opvoeding invloed, op bedrijf, hun levenslot, hun
beiden gaat invloed uit van hun omgeving, hun lectuur^
van den
denken
als
tijdgeest
en zooveel meer. Gij kunt u den bekeerde niet
buiten dit alles staande of van dit alles uitgesloten, en het
heeft geen zin te wanen, dat van het oogenblik der bekeering
zou ophouden
hem
te
zaligmakende genade in afzonderen van
zijn
bewerken,
hem
om
voorts niets
over te laten. Zelfs
omgeving,
ja,
al
af, dit alles
dan de werking der kondt ge
hem
geheel
uitscheiden uit de wereld, toch zou
in zijn persoon, in zijn geheugen, in zijn
hij
vorming de nawerking van vroegere
invloeden der gemeene gratie met zich blijven omdragen. Geheel deze voorstelling
moet daarom worden prijsgegeven. Het verklaren van
al
het goede
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's