De gemeente gratie - pagina 77
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
73
ONGETEMPÉRDE WERKING VAN DEN VLOEK.
X. Oiigetemperde
Zoo
van den vloek.
Averkiiij?
zij
het aardrijk
om
uwentwille vervloekt.
Gen. 3
:
17.
de eerste helft der zestiende eenw met de toenmalige godsdienstige beweging meegingen, waren alzoo opgevoed in denkbeelden, die een grens door het leven trokken, en door die grens een heilig en onheilig die
Zij,
terrein
in
van elkander afscheidden. Van nature was heel de aarde, met het
aardsche leven onheilig, en het was alleen de kerk van Christus, die door
haar optreden een heilige oase in deze wildernis vormde, en allengs door _
wijding
en genadeuitstraling dezen heiligen, gewijden
Wel bestond
kring uitbreidde.
er op dit heilige terrein nog verschil door graad van heilig-
stond boven het leven van den gewonen
heid.
Het
leek,
onder die leeken stond de „bon catholique" boven den meelooper,
priesterlijke
leven
voor bijzonder heilig gold het kloosterleven, en het allerhoogst stond wie later
in
de orde der heiligen, door canonisatie werd opgenomen; maar
afgezien nu van deze verschillen stond toch d.
onder menschen
i.
al
wie gedoopt
en
is,
met een eigen karakter tegen hetgeen enkel
is,
Zelfs
het terrein der kerk,
heel
in het stoffelijke al uit
wat gewijd
de wereld was over.
wie niet anders dan den ketterdoop ontving, had, naar de toenmalige
denkbeelden, nog wel niet de genade, maar toch het geheiligd karakter
om
ontvangen, en daarmede de geschiktheid gedrenkt. Uitgaande van het
ontheihgd en de vloek de
feit,
straks
met genade
te
worden
dat de erfzonde ons menschelijk geslacht
wereld ontwijd had, hing
stoffelijke
men de
overtuiging aan, dat de kerk alleen èn die ontheiliging èn dien vloek kon stuiten,
en dat ze dit deed, ter heiliging door uitstraling van genade, en
wegneming van den vloek door haar wijdingen.
ter
Eerst wie
dit
helder
weg de meesten,
inziet,
en er zich rekenschap van geeft, hoe verre-
met de „Dooperij" meeliepen, in deze denkbeelden waren opgevoed, verkrijgt in het wezen der Wederdooperij het rechte
inzicht.
die straks
Ook de Dooperschen
toch
zijn
in
deze
tweezijdige
of
hebben ze slechts in zooverre veranderd, als hun veranderde beschouwing over de kerk dit meebracht. Van meet af scholen onder hen tweeërlei geesten, die naar hun verschillende aandrift een zeer onderscheiden oppositie tegen de kerk voerden; dualistische beschouwing blijven hangen, en
en deze tweeërlei oppositie splitste zich in
verzet
zich
kwam,
uit zucht
van de kerk losmaakte
om uit
vrij
te
al zijn
naar gelang ze tegen de kerk
van de geestelijkheid,
of
wel
weerzin tegen de veruitwendiging van het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's