Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

In Jezus ontslapen - pagina 223

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Jezus ontslapen - pagina 223

3 minuten leestijd

,

211

weer vlak bij ons. We ontwaren, we voelen zijn heilige tegenwoordigheid als aan onze rechterhand. En het is weer werkelijkheid wat wij zoo dikwijls gedachteloos zongen „ Ik zal dan gedurig bij U zijn, in al mijn nooden, angst en pijn". Wij weer bij Hem, en Hij weer bij ons. :

Geen scheiding langer. Ons toevloeiende en ons toestroomende gemeenschap. Van onderen de eeuwige armen der Ontferming, en Gods Verborgenheid die over onze tenten zweeft.

In die zielsgesteldheid nu ontwaart ge, hoe het oog van uw zich starend richt op den last van moeite en verdriet dien ge zoo bitter te dragen hebt, en waar uw ziel onder bezweek. Het is of de Heere niet op u noch op uw somber gepeins, maar alleen en eeniglijk op die moeite en op dat verdriet zijn

God

,

Vaderoog gevestigd houdt.

En

daarvan laat uw God niet af, tot zijn doel bereikt is, en het in het eind verstaat, dat ge dat drukkende pak van uw moeite en uw verdriet in zijn hand hebt over te geven. De Heere komt niet tot u, om uw lijden aan te zien, en te klagen met het geklag van uw ontroerd gemoed. Hij komt om uw moeite en uw verdriet van u op Zich te nemen. Alleen maar Hij neemt het niet met geweld. Gij zelf moet het Hem overgeven. En daarom staart Hij zóó rusteloos en zóó lang op den last, die u neerdrukt, tot ge eindelijk verstaat wat dat Goddelijk staren zeggen wil, en ge met een laatste geloofsinspanning dien last omhoog heft, en dien voor het aanschijn gij

uws Gods op

zijn altaar nederlegt.

En dan

drukt het Goddelijk oog iets uit alsof het ons zeggen wilde „ Nu zijt ge weer als een kind voor uw Vader geweest ", en dan voelt ons hart weer hoe rijk het is zulk een ontfermend God als onzen Vader te bezitten. Een gewaarwording, alsof God een oogenblik de starren de starren liet en van heel de wereld zijn zorge aftrok om eeniglijk met óns bezig te zijn, en om Zich om ónze moeite en óns ,

:

,

,

,

verdriet te

bekommeren.

En vraag nu niet, of van dat oogenblik af gij dan nu zonder moeite en zonder verdriet zijt. Immers dit ware de gemeenschap met uw God weer verbreken en niet verstaan wat uw God voor u deed. Die moeite dat verdriet dat Hij in zijn hand nam zijn niet neutraal. Er staat uw naam op. Er ruischt de weemoed van uw ,

,

,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's

In Jezus ontslapen - pagina 223

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's