De gemeente gratie - pagina 477
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
473
BESTRAFFEN, SCHELDEN, TOORNEN.
moogt daar niet zijn. Gij moet weg van die vrouw. Terstond gebied ik u die vrouw los te laten. Nu, dat geschiedde dan ook, en zoo werd Petrus' schoonmoeder
met een
Jezus, en dat wel
bestraffing die zeggen wil: Gij
terstond gezond.
Nu
leest
men
gemeenlijk over zulke uitdrukkingen heen, ziet ze aan
voor een zekere manier van zeggen, en verstaat het, alsof er alleen stond, dat Jezus die kranke vrouw genas.
Maar zoo mogen we
niet doen.
Het
is
geen toeval of willekeur dat hier staat bestraffen. Dit woord werd met
mogen we
opzet gekozen, en deswege
niet rusten, eer
we
zulk een
woord
verband op de rechte wijze verstaan.
in dit
we
Hiertoe worden straffen"
te
meer genoopt, omdat
diezelfde uitdrukking „6e-
ook elders van Jezus gemeld wordt. Zoo
b. v. in
Matth. 8 26. :
Het gold daar den storm, waardoor het schip, waarin Jezus met zijn jongeren zich bevond, op het meer van Genesareth beloopen werd. Vooral op eenigszins uitgestrekte meren zijn zulke invallende stormen zoo uiterst gevaarlijk, omdat de opgejaagde golfslag terstond op de kust stuit, en met geweld terugkomt. Gedurig hoort men dan ook nu nog van zulke orkanen op meren, die schipbreuk, en bijna altoos reddelooze schipbreuk ten geals ervaren visschers, zagen dan ook het
volge hebben. Jezus' jongeren,
doodsgevaar voor oogen. Vandaar dat ze ons,
w0
vergaan.
En
tot Jezus riepen:
wordt er gemeld,
toen, zoo
kwam
Heere, behoed
Jezus op het dek,
zag met scherpen blik in den loeienden storm en in de hoog opgezweepte baren, en toen, hier
zoo staat
bestrafte hij de
er,
was het gevolg van deze
winden en de zee. En ook ophouden van
bestraffing een onmiddellijk
het kwaad. Zoo toch volgt er: en er werd groote Dit tweede verhaal nu
hebben we
te
is
stilte.
nóg opmerkelijker. Als de koorts
doen met een macht, waarvan
we nog
öes^ra/"^
kan, dat ze iets boos in zich draagt. Koorts kan het gevolg lerlei
verkeerdheid.
We
wordt,
eenigermate voelen zijn
van
al-
zouden er nog beter een zin aan hechten kunnen,
maar een zulke gold, die door slecht en onzedelijk leven beloopen was. Doch zelfs bij een koorts voelen we nog altoos dat er zeker boos element in werkt. Maar hier kan van zoo iets ganschelijk geen sprake zijn. Het geldt hier niet een recht, maar de winden die God laat waaien, en de zee die Hij geschapen heeft. Wind en zee zijn beide natuurmachten, die woeden ook al is er geen schip op die als de
bestraffing niet een
wateren, en
al
zaglijke zee die
Azië scheidt,
is
men
of ook
die
in
ze pleegt te
eeuwen hebben dezelfde elementaire
noemen, die onmetelijke watervlakte opge-
Men zou dus zoo zeggen: wat anders is dan de onmiddellijke blazing van Gods adem op de wateren?
bogen en doen woelen en koken. die orkaan
koorts,
is er geen levende ziel die er door kan vergaan. De ontEuropa van Amerika, en aan de andere zijde Amerika van eeuwenlang door niet één enkel schip bevaren, en toch is
er geen twijfel aan,
machten, gelijk
gewone
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's