De gemeente gratie - pagina 450
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
MENSCH EN
446
om
DIER.
maar te bereiden. En zoo ook de leliën des velds bekleedt God rechtstreeks, want zij arbeiden niet en spinnen niet, en nochtans was Salomo in zijn pracht en heerlijkheid niet bekleed als een van deze. Maar de mensch wordt naakt geboren, en moet arbeiden en spinnen, om zich uit de wol van het dier, of uit de vezel van de plant zijn kleed te bereiden. Bedoelt Jezus hier nu mede^ en
aldus zelf
zijn
voedsel, niet te vinden,
dat de mensch, insgelijks, ook niet moest zaaien noch maaien, en óók niet
moet arbeiden en spinnen? Natuurlijk niet, want Jezus sprak tot menschen na den val, tot wie God zelf gezegd had, dat ze in het zweet huns aanschijns brood zouden eten. Maar hierin school het kwaad, dat Jezus bestreed, dat ze, omdat ze zelven werkten, waanden dat zij alleen werkten, en vergaten dat in hun werk geen ander werkte dan God. Ze stelden hun werk tegenover Gods werk. Ze waanden, dat wat zij werkten. God niet werkte, en dat waar God werkte, zij niet te werken hadden. Ze verzonken in lijdelijkheid en daardoor in bezorgdheid en in angst. En daarom nu bestraft Jezus de lieden dier dagen, en wijst ze alsnu, niet op iets hoogers maar ook op iets lagers. Dat die vogelen des hemels zonder zaaien of maaien leven konden, was een lagere gesteldheid van deze schepselen, en dat de leliën bekleed waren zonder te arbeiden of te spinnen, was
en vielen
evenzeer een lagere toestand van deze creaturen. Of voegt Jezus er niet zelf bij:
u niet
God alzoo de vogelen voedt en de leliën bekleedt, meer voeden en kleeden? De mensch wordt alzoo niet
Indien
veel
om
en aangespoord,
zal Hij
verlokt
een leven te begeeren zooals de planten en de dieren
hebben. Integendeel, het leven des menschen staat veel hooger in waardij voor God. Mits op één voorwaarde, en die voorwaarde niet
zal
zeggen:
ik mij zelf;"
maar dat
en maaien, ook
God
is
en
„Omdat
in zijn
blijft,
die
hij
ik
verstaan en gelooven
arbeiden en spinnen.
grijpt,
dat de mensch
hem
zal,
voed en kleed
dat ook in
God de werker
is,
zijn
zaaien
en dat het
mensch voedt en kleedt, maar voedt dan uitkomt, zoo het schepsel omdat God die in zijn hand heeft gesteld.
ook
en kleedt door die hoogere naar de middelen
is,
zaai en maai, spin en arbeid,
als
actie, die eerst
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's