De gemeente gratie - pagina 523
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
519
VOORZORGSMAATREGELEN.
nemen van
al
zulke maatregelen, als waardoor het indringen of zich
breiden van besmettelijke ziekten te voorkomen
Zoo staan we dus voor het klare
van God kwam, en zoo nauw der ontzondiging noodig was,
feit,
is
dat eenerzijds de melaatschheid
met de zonde samenhing, dat
om
uit-
en af te snijden.
zelfs
een
offer
weer rein te worden; en dat nochtans
diezelfde God, die de melaatschheid zond, stellige en strenge
geboden
geeft,
tegen die melaatschheid niet alleen in te gaan en ze bestrijden, maar zelfs om haar te voorkomen, waar ze nog niet uitbrak. Op grond hiervan
om
de conclusie, dat de zondige gemoedsstemming, waarmede nu en dan zulke maatregelen ter voorkoming van lijden genomen worden, niets tot de rechtmatigheid en geoorloofdheid van zulke
we
zijn
gerechtigd tot
maatregelen toe of afdoet; dat God
al
het zondige van zulk een gemoeds-
stemming als zoodanig zal oordeelen, en dat wij dit zondige nimmer verschoonen of vergoelijken mogen; maar dat van den anderen kant de wil
Gods dat
wij zulke maatregelen
openbaard
is,
als
nemen
zullen, zoo klaar
en duidelijk ge-
dat onthouding of tegenwerking hier moet veroordeeld worden
ongehoorzaamheid.
Bovendien het tegenwerken of afkeuren van zulke voorzorgsmaatregelen voorkoming van zulk een krankheid of andere ramp, gaat uit van een geheel willekeurige en valsche onderscheiding. Men deelt dan het kwaad ter
des lijdens in tweeërlei klasse
in,
en plaatst in de ééne klasse gewone, in
de andere buitengewone ongelukken; acht dat meer bijzonderlijk in die tweede klasse Gods toornend oordeel zich uitspreekt; en komt, hierdoor misleid,
de valsche slotsom, dat er geen kwaad in steekt,
tot
zorgsmaatregelen te nemen tegen gewone ongelukken, maar wel
om om
voor-
alzoo
doen ten opzichte van extraordinaire rampen als pest, cholera, pokziekte en dergelijke. De feiten bewijzen dit. Geheel dezelfde menschen te
toch, die zoo ernstige
bedenking opperen tegen het nemen van voorzorgs-
maatregelen ter bestrijding, voorkoming en afsnijding van allerlei pestilentie bij mensch, dier en plant, nemen elk op hun beurt geheel soortgelijke maatregelen ter voorkoming van gewone en meer bekende ongelukken. Geen schip van grooter afmeting steekt in zee, of er is gerekend op storm
en schipbreuk, en daarom wordt stormtuig, worden reddingsboeien, wordt een reddingsboot meegenomen. In elke stad en in elk dorp heeft men een brandspuit of zelfs een geheele brandweer met ladders, haken en diergelijke.
Om
een wat
te laag kozijn,
kou vatten
te
steile trap
een ijzeren
maakt men een
richel.
voorkomen, een
in,
met vaste
raam met
Als het vriezen gaat, trekt men,
warm
zwellen en het land overstroomen,
dijkwacht
leuning, voor een
om
het
Waar de rivier zou kunnen werpt men een dijk op, en richt een
kleed aan.
regeling voor wie te handelen heeft iu de ure van
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's