In Jezus ontslapen - pagina 227
.WIE ZAL ü LOVEN IN HET GKAF ?
Óók,
en
Het
(ie
vraao;
inziclit hierin
"
211
dus, wat hieronder te verstaan zij. nu hangt geheel en eeniglijk aan de volle
blijft
erkentenis van Clods ordiuantie in onze Schepping. Tegen tlie ordinantie gaat in, wie met een bloot zieleleven na den dood vrede neemt, en, hiermede voldaan, geen heimwee kent naar iets anders en iets meerders. Die ordinantie over den meusch toch is, niet dat we als de engelen enkel geestelijk bestaan zouden bezitten, maar dat we, hierin hoven de engelen uitgaande een tweezijdig bestaan zouden hebben, eenerzijds geestelijk en verborgen, maar ook anderzijds lichamelijk en uitwendig. Eerst als we naar die ordinantie bestaan, bestaan we ten volle als mensch. En een mensch, die enkel naar de ziel bestaat, en het lichaam derft, en dus ook geen zichtbare wereld om zich heen heeft, is gehalveerd en als zoodanig verminkt. Van tweevoudig is hij eenvoudig geworden. Hij mist zijn ander deel. En dit juist bewerkte de dood; dit deed het sterven. Reden waarom alleen door de Opstanding van het lichaam de dood weer geheel overwonnen wordt en reden ook waarom er bij de engelen hetzij dan bij die vielen hetzij bij die staande bleven van geen dood en van geen sterven in dien zin sprake A:aa zijn. ,
,
,
,
Is
dit
mensch
nu alzoo, dan zult ge het ook verstaan, dat ge als in een tweevoudigen dienst van uw God staat. Van den
éénen kant hebt ge uw God te minnen, te eeren en te dienen in de geestelijke verborgenheid van uw zielsleven maar ook van den andereu kant hebt ge Hem te belijden, te loven en te dienen voor auderer oor en oog, en dus in het uitwendige. Niet alsof uw lichaam dat deed, maar zóó dat de ziel hiertoe het instrument van het lichaam niet missen kan. De stomme, blinde en doove ervaren dit o]) uiterst pijnlijke wijze reeds in dit leven. De stomme mist de stem om te belijden en te loven, de doove hoort den jubel der heiligen niet. In dat opzicht ondergaat alzoo wie in het graf neerdaalt een verminking. Hij scheidt tijdelijk van zijn lichaam. In dien zin wordt hij dan stom blind en doof. Hij bezit een geestelijke wereld als die der engelen waarin hij geestelijk op de manier ;
,
,
,
,
,
der engelen, bestaat; maar hij is kwijt zijn menschelijk instrument: dat in het graf neerdaalt hij is kwijt zijn uitwendige wereld: en wat hij niet meer kan is God belijden, loven en dienen naar zijn volle menschelijke persoonlijkheid, naar ziel en lichaam beide. ;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's