De gemeente gratie - pagina 572
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
HET VERZEKERINGSWEZEN.
568
waar de
kinderen,
mensch Zij
woont een oude tante
ziekte inslaat,
God noch
die
in,
een plaag voor het gezin en voor de kinderen een afschrik. en de vader van het gezin worden beiden aangetast, en toch niet haar, ontziet,
maar hem
haalt de
dood weg, en het beroofde gezin
blijft
over, schier
zonder broodwinning, en niet wetende hoe af te komen van die Xantippe, die nu nog boozer optreedt. Alles naar den regel, dat dit droeve lijden hoofd voor hoofd, persoonlijk wordt toege wogen, maar allen saam
niet,
overkomt, en den een spaart en den ander
van den één
of de schuld
van den ander
treft,
zonder dat de onschuld
maatstaf ter beslissing
hierbij
Telkens een schipbreuk op de zee van het leven, en
is.
schipbreuk
uit die
de meesten gered, maar ook enkelen er in omgekomen, en die ontzettende verdeeling tusschen de reizigers, wie er het leven af zal brengen, en wie
met den dood zal bekoopen, zich niet schikkend naar persoonlijke maar naar een regel, die geheel daar buiten ligt. Het voorbeeld is
het
zonde,
bekend, hoe
om
toog,
zulk een schipbreuk een man, die in jeugdigen ijver
bij
onder heidenen het Evangelie
te
uit-
verkondigen verdronk, en een
onverlaat, die slavinnen voor de huizen der schande ging zoeken, al vloe-
kend gered werd. Juist dus zooals Jezus het zoo stellig uitsprak: God maakt bij zulk lijden geen onderscheid of iemand vroom of goddeloos is. Hij
regent
veeleer
over rechtvaardigen en onrechtvaardigen, zonder te
vragen naar min of meerder schuld. Gij vindt dit
hard en bang. Zelfs
noemen. Maar wie sloeg,
zijn
er die het onrechtvaardig durven
op het Kruis van Golgotha aanbiddend het oog
ooit
en dien „Rechtvaardige voor ons, onrechtvaardigen, de zonde op het
hout zag dragen," legt de hand op den mond, en
belijdt
ootmoedig hier
voor een mysterie te staan, dat van Gods zijde bezien niet anders dan aanbiddelijk kan wezen, ook al er
van ontvangt,
pijnlijk.
En
blijft
toch
is
de indruk dien onze kortzichtigheid het ook ons reeds gegund één hel-
deren lichtstraal op die donkere plek aan de gezichteinder van ons leven te
zien vallen,
als
wecZe-lijdende liefde.
aan dien horizont het schijnsel voor ons opdoemt der
We
we vormen saam één menschheid,
hooren bijeen,
ons geslacht hangt organisch saam. Daarom
is
en deswege ook een gemeenschappelijk
Maar
van het organische
niet.
lijden.
er solidariteit
van schuld,
hierbij stuit
de werking
Ze gaat door. Ze neemt den vorm van bewuste,
gevoelde, zelfgewilde zielsgemeenschap aan. Zoo ontluikt de deernis. Er
geurt ontferming en barmhartigheid. liefde
ademt u
tegen.
En waar
De
dit bij
zoete weelde der deelnemende
anderen zou
zijn,
maar
bij
u ont-
breken mocht, daar vermaant en bestraft u het apostolisch woord, als het
met de
u toeroept:
„Verblijdt u
En waar
aan den harder Romein nog slechts
dit
blijden;
en weent met de weenenden." als Goddelijke ordinantie
wordt opgelegd, daar wordt dat mysterie der deelnemende
liefde voor
diepzinniger Griek te Corinthe nader ontsluierd, als het in
1
Oor. 12
den :
2(i
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's