De gemeente gratie - pagina 590
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
HET VERZEKERINGSWEZEN.
586
aantal personen dat sterft het ééne jaar aan het andere jaar tamelijk wel gelijk
wel
blijft.
in zijn
Zoo ook kon de ambtenaar van den burgerlijken stand zeer zien, dat het aantal geboorten evenzoo tamelijk constant
boek
In onze weeshuizen en oudemannenhuizen enz. merkte
is.
men evenzoo
zeer wel op, dat er niet het ééne jaar plotseling tienmaal zooveel weezen
kwamen
als
een vorig
jaar,
en het daaropvolgend jaar geen één, maar
Ook
dat over zeker aantal jaren genomen, het getal vrijwel gelijk bleef.
ontging het de aandacht
niet,
dat dit getal in een zeer groot weeshuis
veel gelijkmatiger was, dan in een klein weeshuis op een dorp.
wist evenzoo, epidemieën weer daargelaten, dat
zijn
inkomen
Een dokter
niet het ééne
en het volgende jaar op niets daalde, maar dat
jaar overgroot was,
hij,
het ééne jaar door het andere genomen, op een dorp vrijwel hetzelfde
Om
aantal patiënten had.
kort te gaan,
dat niet alleen de geboorte
maar ook de
men
wist ook vroeger zeer goed,
en zoo ook
allerlei
ander
ongeluk, niet nu eens op duizend staat en dan weer op nul daalt,
maar van
sterfte,
dat er in alle deze dingen onder den hemel zekere gelijkmatigheid
jaar
tot
jaar valt waar
te
nemen. Algemeen leefde men dan ook onder
dien indruk. Er mochten door epidemie, door hongersnood, pestilentie of
nu en dan bijzondere toestanden intreden, maar in gewone tijden, en onder gewone omstandigheden, twijfelde niemand er aan, of het ééne
oorlog,
jaar bleef grosso
modo aan
het andere tamelijk wel
gelijk.
Hoe
dit
kwam,
wist de ongeloovige wereld niet. Ze schreef dat alles toe aan toeval. is
wisselvalliger dan de velerlei oorzaken van der
kou vatten, een enz.
in
Wat
menschen dood? Een
aanraking komen met besmetting, een slechte medicatie
Maar toch het
toeval schikte het zoo,
dat het alles nochtans, het
ééne jaar door het andere gerekend, tamelijk wel overeen uitkwam. Zoo af. Op zeer onbestemd gevoel. En wat verzuimd werd was: nauwkeurige waarneming en berekening.
ging alles op den gis
Juist onze
eeuw echter
heeft
met
die sleur gebroken.
De meerdere
ont-
wikkeling der wetenschap brak in beginsel met het Pelagianisme, en gaf het
Calvinisme
gelijk.
Niet alsof
men
tot
de belijdenis van Gods raad
kwam. Neen, maar wel tot de erkentenis, dat er geen toeval heerscht, maar dat alles naar vaste wetten gaat. Voor de Gereformeerden een ongemeene aanwinste. Van die overtuiging nu uitgaande hebben de mannen dezer eeuw zich op het nauwkeurig waarnemen en opteekenen toegelegd.
Men
is
gaan zeggen
maken van
al
wat
:
Laat de overheid zeer nauwkeurige statistieken
er in het menschelijk leven inderdaad voorvalt. Laat
wie, en hoe velen er sterven, maar ook op wat leeftijd, in wat maand en week ze sterven, aan wat ziekte ze omkomen enz. Laat worden opgeteekend, hoeveel epidemische kranken er
men opteekenen
niet alleen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's