De gemeente gratie - pagina 424
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE TWEEDE NATUUR.
420
voeding, alle vorming van geest en karakter, ja, dat het zich aanw^ennen van de hanteering van gereedschappen of instrumenten, al ware het slechts van een breinaald, en zelfs het zich aanwennen van goede en gemakkelijke en beleefde manieren en vormen op niets anders rust dan op dezen ons ingeschapen trek onzer natuur, dat die natuur ielve een vorm, een plooi
kan aannemen, en alsdan, buiten ons bewustzijn om doet, wat wij aanniet dan met veel inspanning van ons bewustzijn deden. De breinaald, die we daareven noemden, is er een sterke proeve van. Of zie
vankelijk
maar eens wat moeite het u
als
man
kost, zoo
ge voor de aardigheid eens
beproeft tien breisteken achter elkander vast en net en gehjk op de naald leggen.
te
En
toch diezelfde voor u hersenbrekende inspanning, zal een
vlug meisje van twaalf jaren, onder het praten door, en soms
en zonder er naar te
zien,
al
wandelende
keurig en vlot volbrengen zonder dat er iets
aan mankeert. Op den Scheveningschen weg komt men telkens visschersmeisjes tegen, die daar wandelen, naar alles op straat omzien, en overluid met elkander redekavelen, en dat toch onder de hand de twee handen een soort breimachine den op zichzelf tamelijk ingewikkelden arbeid goed en vlug volbrengen. Ze denken er niet bij, ze rekenen er niets bij als
het gaat als buiten haar ik om, en toch gaat het breien lustig voort. Feitelijk is het alzoo ook hier niets dan de natuur, die bezig is, maar de uit,
natuur die een vasten plooi heeft aangenomen, en tot een macht
geworden
Bij het
en toch
in
haar
is.
hchaam gaat
zijn er in
dezelfde regel door. Rattekruid
is
een zwaar
vergif,
het Zuidoosten van Europa menschen, die van der jeugd
aan het gebruik van rattekruid gewend, er haast niet meer buiten kunnen, en er zonder de minste schade dagelijks een dosis van gebruiken, af
groot genoeg
om
schaal ziet ge dit
onder ons heele huisgezinnen te dooden. bij
Op
kleiner
de jeneverdrinkers. Eerst staat de jenever tegen.
Niemand die ze voor het eerst proeft, of zijn gelaatstrekken krimpen er wrang van op. Maar gaandeweg overwint hij dezen afkeer, ten leste went zijn natuur er aan. En niet lang meer of de periode komt, dat hij dezen prikkel niet meer missen kan. Zelfs kan men zeggen, dat het verschil tusschen een acute en een chronische ziekte op ditzelfde verschijnsel rust. Doet een ziekte een eersten inval in
een gezond lichaam, dan reageert
die ziekte, en poogt ze uit te drijven. niet
wat
uw
in
wij koorts
natuur
noemen
is
is
tegen
dikwijls
anders dan deze worsteling van de gezonde natuur tegen den
dringenden vijand. Dan in
Wat
al
dien acutueelen
vorm
de ziekte nog acuut.
is
uit te drijven,
en ondergaat de natuur van
uw
dan
En
blijft
in-
gelukt het de ziekte
uw
natuur die ze was,
lichaam geen wijziging. Met een üivallende
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's