De gemeente gratie - pagina 198
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE GEMEENE GRATIE
194
doorgedrongen.
de
feitelijk
En
HET GEXADELEVEN.
IN
van een denkbare, maar van God, wordt geheel beheerscht door het
die verhouding nu, niet
bestaande wereld tot
vraagstuk van de gemeene gratie. Immers in die
de zonde.
is
Op
die
feitelijk
bestaande wereld
En
wereld werken de gevolgen van de zonde.
alles
resumeert zich dus ten slotte in de vraag, hoe een wereld, die zondig
van Godswege nog zoo
veelszins-
begenadigd kan
heiligheid in het geding te brengen.
vraag
is
geen antwoord
Heel de
te
En
zijn,
zonder
op die
juist
is,
souvereine
zijn
beheerschende
alles
vinden dan in de belijdenis der gemeene gratie.
gaat ook nu weer tusschen het natuurUjke, en tusschen
strijd
dat hoogere, dat uit de natuur niet kan verklaard worden, en zich nochtans te midden van het leven der natuur openbaart. Het raadsel,
is
het ééne zelfde
ge Jezus te midden der menschheid, de kerk in de wereld,
geloof te midden van het menschelijk overleg en beleid, het
het in
als
den loop der gebeurtenissen,
of de
optreden; en altoos weer komt het
genade
bij
elk
in het
wonder
onheilig hart ziet
dezer tegenstellingen op de
verhouding aan, waarin beide tegenover elkander staan; en
alle
deze ver-
houdingen moeten eenzelfden grondslag bezitten, eenzelfde uitgangspunt hebben, onder eenzelfden regel vallen. reeds tusschen
God en de
Op
zichzelf bestaat deze tegenstelHng
wereld, tusschen dit aardsche aanzijn en het
eeuwige, tusschen hemel en aarde, tusschen wat geestelijk onzichtbaar en
wat waarneembaar
is
voor onze zimien. Maar die op zichzelf reeds be-
staande tegenstelling wordt nu nog verscherpt en versterkt^ doordat de
zonde beide reeksen nog verder uiteendrijft, en de genade, die tegen de zonde inkomt, het geestelijke tot nóg hoogere uitdrukking brengt. Wedergeboorte
is
meer dan geboorte, opstanding is meer dan leven, de volharmeer dan de staat der rechtheid in het Paradijs. Waar
ding der heiligen alzoo
eenerzijds
dieper wegzinkt,
de wereld, het natuurUjke, het zienlijke door de zonde
neemt anderzijds de genade een hooger standpunt
in
dan
de oorspronkelijk geestelijke schepping.
Van twee kanten
is
alzoo de klove breeder geworden.
de zonde verzwakt en de geestelijke macht
is
De wereld
is
door
door de genade tot hooger
stand opgeklommen. Die nog dieper klove dreigt daarom alle eenheid, alle
verband, allen saamhang te verbreken, zoodat ten slotte de wedergeborene niets
meer met de wereld
doen wil hebben, en de wereld
te
al
hooger
leven gaat ontkennen; de theologie de wetenschap in den ban slaat, en de
wetenschap aan de theologie
alle recht
de kerk doet of er geen wereld niet zijde
meer
rekent.
Aan de ééne
is
van meespreken betwist en evenzoo ;
en de wereld met het bestaan der kerk
zijde
lichtschuwe mystiek, en aan de andere
uitdagend ongeloof. Hier de kerk, als een geestelijk lichaam, dat
vervluchtigt
en elke
belichaming mist,
ijl
en daartegenover een ontzielde
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's