Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 365

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 365

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

2 minuten leestijd

361

DE GEMEENE GRATIE EN GODS VOORZIEnIg BESTEL.

ZOU zeggen, „dat dit geen dominee was", dat het niet aanging zulk een opstandig en worstelend

man met

zulke dingen op te houden, en dat het

hem

integendeel de plicht van dien prediker ware geweest,

te wijzen

op

de diepe wegen der zonden, en de hooge wegen der genade in Christus.

En

toch,

God

doet dat niet. Hij spreekt tot Job zelfs uitsluitend over

zelf

de Scheppingswerken, niet terloops, maar in breede teekening, en wat nog is, de Heere voegt er niets hij. En toch is het juist deze prediking van de almachtigheid en van de heerlijkheid Gods in zijn schepping, die bij Job bereikt, wat al het gepraat van zijn vrienden niet had kunnen

sterker

bewerken, en maakt dat Job zich

Leg daar nu naast

dit

en assche verootmoedigt.

in stof

stuk uit de dusgenaamde Bergrede:

Niemand kan twee heeren dienen; want anderen liefhebben, of

den

en

of

hij

den eenen haten

zal

eenen

den

zal

hij

aanhangen en den

anderen verachten. Gij kunt niet God dienen en den Mammon. Daarom zeg ik u: Zijt niet bezorgd voor uw leven, wat gij eten en

wat

uw

drinken zult; noch voor

gij

zult.

leven

het

Is

waarmede

lichaam,

meer dan het

niet

gij

u kleeden

voedsel, en het lichaam dan de

kleeding?

Aanziet de

vogelen

noch verzamelen nochtans: gaat

des

de

in

hemels,

schuren

dat

en

;

die niet zeer veel te

gij

niet

zij

uw

zaaien,

noch maaien,

hemelsche Vader voedt die

boven?

Wie toch van u kan, met bezorgd te zijn, ééne el tot zijne lengte toedoen ? En wat zijt gij bezorgd voor de kleeding? Aanmerkt de leliën des hoe

velds,

En

wassen;

zij

zij

arbeiden niet, en spinnen niet;

ook Salomo eene van deze.

ik zeg u, dat

geweest, gelijk

nu God het gras des

Indien

in

al

velds, dat

oven geworpen wordt, alzoo bekleedt, kleingeloovigen

gij

Daarom

bezorgd,

zullen wij drinken, of

Want dat

gij

alle

alle

u

is

en morgen in den

niet veel

meer kleeden,

zeggende

waarmede

:

Wat

zullen

wij

eten, of

wat

zullen wij ons kleeden?

dingen zoeken

de

heidenen.

Want

de Vader weet,

deze dingen behoeft.

Maar zoekt alle

deze

heden

zal Hij

bekleed

?

niet

zijt

zijne heerlijkheid niet is

eerst

het

Koninkryk Gods, en

zijne

gerechtigheid, en

deze dingen zullen u toegeworpen worden.

Zijt

dan niet bezorgd tegen den morgen

het zijne zorgen

;

elke

;

dag heeft genoeg aan

want de morgen zijns zelfs

zal

voor

kwaad.

Nu betwist natuurlijk niemand, dat de strekking van dit aangrijpend woord wel waarlijk op het Koninkrijk Gods uitloopt, en dat er saamhang met het geestelijke ook in dit woord ligt. Maar na dit voetstoots te hebben toegegeven, is het dan toch daghelder, dat het woord zelf zich niet uitbreidt in het geestelijke, maar zich bijna uitsluitend op het gebied van

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 365

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's