De gemeente gratie - pagina 416
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
412
DE OPENBARING VAN GODS TOORN.
sterken lust had Satan,
om
Petrus zóó te treffen dat
hij
geheel verviel,
maar toen Jezus voor hem bad, en op dat gebed de Vader ingreep, werd Satan machteloos gemaakt, zoodat hij wel vér ging, maar niet zóó ver kon gaan, dat Petrus geheel bezweek. Er is bij de demonen en duivelen dus geen sprake van een zedelijk gehoorzamen. Dat kunnen ze niet. Ze zijn volstrekt slecht en in der eeuwigheid nimmer meer tot het vrijwillig volbrengen van Gods wil bekwaam. En dat ze toch gehoorzamen, en hun booze inwerking stuiten, waar God die niet langer toelaat, is alzoo hunnerzijds geen actieve wilsdaad, maar het zwichten voor een geestelijk geweld dat God hun aandoet.
De oorsprong
der „gemeene gratie"
streeksche daad Gods. Hij
is het,
die,
ligt
dus wel ter dege in een recht-
door zulk een geestelijk geweld aan
de demonen aan te doen, te weeg brengt, dat de onheihge inwerking, die de wereld der duivelen op ons geslacht en op onze personen inwerkt,
uit
zekere grens niet overschrijdt. Dit nu wel in het oog te vatten,
zaak van het hoogste gewicht.
Bij
de particuliere,
bestaat dit daarin, dat een zondaar zoo het zijn
eigen wezen
opkwame, en
d.
kwaad
niet uit Satan in
hem
male onredbaar, en onvatbaar voor verlossing zou
kan alleen verdoemd worden. Terecht
te
i.
zijn.
brengen
is
is
een
zaligmakende genade
den wortel van
uit
invloeide, ten eenen-
Het absoluut
slechte
het niet meer. Ver-
keerde dus de mensch nu reeds in dezen ontzettenden toestand, dan zou er
van verlossing geen sprake hebben kunnen
zijn.
En
dat er nochtans
van verlossing niet alleen sprake is, maar dat duizenden en duizenden, ja miUioenen en millioenen reeds gered zijn, en nu juichen voor den troon, is
alleen daaraan te
danken, dat het kwaad in hen wel diep was inge-
drongen, maar toch altoos
Maar
zijn
soortgelijk gewicht
Stond het toch
alzoo,
wortel niet in hen zelven, maar in Satan had.
nu heeft
dit feit
ook voor de „gemeene gratie".
de zondaar absoluut slecht was in en uit zichzelven,
dan zou de gemeene gratie geen andere uitwerking kunnen hebben, dan dat de zondaar belet werd
zoover
te
kwaad
te
doen, of ook belet
werd het kwaad
Maar
nooit zou er dan
drijven als zijn booze aard dit wilde.
sprake kunnen
zijn
zondaar in
onbekeerden staat volbracht werd. Uit kwaad dat ge tempert
of inbindt,
kwaad is, dan komt
zijn
van een „burgerlijke gerechtigheid" die alsnog door den
kan nooit anders dan kwaad komen. Houdt ge in,
dan geschiedt er
iets dat
geheel
niets; en bindt ge het slechts ten deele in,
overblijvende deelen niets dan kwaad voort. Maar komt het natuurlijk te staan, zoo de zondaar niet kwaad uit en in zichzelf is, maar ten kwade geïnspireerd is door een macht buiten hem. Nader zal ons blijken, dat hiermede niet alles gezegd is, en dat het kwaad voor een deel ook wel terdege in den zondaar zelven post vatte. er uit die
heel anders
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's