De gemeente gratie - pagina 540
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE KOEPOKINENTING.
536
middelen aan, omdat ze
bij
proefneming er goede uitwerking van zag,
zonder die werking zelve nog te kunnen verklaren. Voorshands hebben
we dus
van een
alleen te vragen, of het gif
verscholen
ziekte,
waarin zulke diertjes
dan niet ook genezend kan werken, en men weet
al
zijn,
hoeveel opzichten ook die vraag reeds bevestigend beantwoord slechts aan
het serum
zelf na ernstige
is.
diphtheritis of keelziekte. Schrijver dezes
bij
in
Denk had
longziekte voor eenige jaren na aanvankelijke genezing,
nog voortdurend met bloedig opgeven middelen ook werden aangewend, niets patische dokter uit Brussel
hem
te
worstelen,
en
welke andere
hielp, tot ten laatste zijn
homoeo-
een praeparaat toezond, bereid
uit
het
uitspuwsel van teringlijders, en na twee dagen dat praeparaat gebruikt te
hebben, was
hij
van het kwaad
we dan ook de vraag
Al laten
af.
geheel in het midden, of de inenting van koepokstof geen gevaar oplevert
van geheel anderen aard, zooveel leert de ervaring dan toch, dat deze bij duizenden en tienduizenden plaats greep, zonder dat ze ten
inenting
gevolge van de inenting de pokziekte kregen. Gesteld dus
daad zulke booze de
stellige
diertjes
al,
dat metter-
het bloed worden ingebracht, de ervaring,
in
uitkomst leert dan toch, dat deze giftige diertjes zich na de
en dat er geen pokziekte
inenting niet vermenigvuldigd hebben,
uit
is
ontstaan.
komt dus ten
Alles
slotte neer
op de vraag, of de inenting, of welk
ander middel ook, proefondervindelijk metterdaad
blijkt,
eenerzijds de vat-
baarheid voor de pokziekte te verminderen, en anderzijds geen andere
schade aan het lichaam toe te brengen. Dit nu moet beproefd,
ernstige
moet onderzocht, moet door de ervaring uitgemaakt worden. Is de uitkomst van dat onderzoek ongunstig, dan vervalt het vanzelf. Maar ook, is de uitkomst van dat onderzoek wel gunstig, dan staat van de zijde des geloofs niet alleen niets aan de aanwending er van in den weg, maar dan zou het roekeloos en on vroom zijn, een door God ons aldus aangewezen middel ter bescherming van het leven van ons kind niet aan te wenden.
Van dwang
der Overheid spreken
we nu
niet.
Die
is
steeds ongeoorloofd.
Over mijn lichaam, en het lichaam van mijn kind, heeft de Overheid niets zeggen. Tegen Overheidsdwang zal deswege ons protest in naam van onze burgervrijheid steeds blijven uitgaan. Maar uit dat oogpunt bezien
te
we nu
de zaak
consciƫntie
niet.
We leggen de zaak thans uitsluitend voor aan de We vragen, wat het zesde gebod hun als plicht
der ouders.
oplegt ter bescherming van
het leven
van hun kind. En we zouden zoo
gaarne aan wie nog aarzelen later het bitter berouw besparen, dat helaas, eindelijk
bij
zoo
toch
menigeen zagen,
bij
we
het graf van een geliefd kind
om de kinderen die men nog behouden En dit doel nu kan en zal o. bereikt worden, Gods Woord bestrijding van alle lijden en ziekten eischt; besloten
mocht, te laten inenten. zoo blijkt dat
als
werd,
i.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's