De gemeente gratie - pagina 498
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
VLOEK EN SCHEPPING.
494
maar
God aangetast, ingebonden, eenen male overwonnen worden. En hieruit nu verklaart zich moet
ook, eenmaal uitgebroken,
en eens ten heide,
zoowel het
feit
is,
we
dien
door
dat alle lijden dat ons naar het rechtvaardig oordeel
Gods moet overkomen, bondgenoot
hij
andere dat God
als dit
om
aanroepen,
zelf
tegen alle lijden onze
worden
uit het lijden te
verlost.
Zoo drukt dus onze eigen zielsbevinding op deze oplossing het zegel.
Immers, beide doorleven we éénen kant ervaren
we
weldigt en ternederwerpt
van God
midden
in het
hem
genoot voor
als
kinderen Gods onze eigen
in alle lijden
tegen dat lijden te strijden, en er
Denk aan Gethsémané. Hoe kon Jezus, zoo vraagt men, bidden: Vader, dit
zelf
hem
om als hem van te God,
menschen bondgenoot
vijandig
is,
en dat onder
is
;
God
een vrouw geborenen
alle lijden
ingaat en
uw
immers
alle tegenstrijdigheid valt
beker voor mij voorbijgaan, dat Jezus zich tegen het lijden in
is
God Gode
Jezus alleen
dat lijden bestrijden moest door er tot in de diepste diepte in zinken, en
bond-
laat dezen drinkbeker
dat het lijden tegen
uit
alle
zijn
verlossen.
drinke; en, naar gewonen maatstaf schijnt
metterdaad tegenstrijdig. Maar versta nu, dat tegen 's
Van den
en toch aan den anderen kant roept elk kind
;
zijner ellende tot dienzelfden
voorbijgaan, tenzij dat ik
ziel.
de gerechtigheid Gods die ons over-
weg
te
weg. Vader, laat dezen drink-
de hartaangrijpende zielskracht waarmee
zijn
afschuwelijkheid keert, en eerst als de
zelfverzekering volkomen wordt, dat dat lijden niet kan gedood dan door
het ten volle over zich te laten komen, werpt
hij
zich in
vloek en dood, en zinkt in de diepte des lijdens weg.
zwakheid alzoo geen zweem oogenblik
lijdelijk
in
of schijn,
maar Jezus mag en Jezus wil geen
vloek en dood berusten. Die vloek en dood blijven
hier tot het laatste toe, de demonische machten,
en dan eerst
als hij
en dood alleen zinken, zet
hij
te
den afgrond van
Van menschelijke
voor
God
in
waar
hij zich
de worsteling der gebeden
overwinnen en
te
vernietigen
zijn,
den beker aan de hppen, en drmkt hem
tegen keert;
ziet,
hoe vloek
door er in weg te tot de heffe toe uit.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's