Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

In Jezus ontslapen - pagina 146

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Jezus ontslapen - pagina 146

2 minuten leestijd

134

king het bangst was, want in de woestijn doolde Israël buiten de wereld om, getergd door geen andere verzoeking, dan die

opkwam uit De ruste

het eigen hart. voor het volk van God, die ons in de verwachtingvan het in de woestijn omdolend Israël geteekend wordt, heeft dus heel andere beduidenis. Het is de ruste van den pelgrim, die eindelijk het einddoel van zijn langen pelgrimstocht heeft bereikt; en nu er is; en nu stok en male voor altoos wegwerpt. Hij is in het Vaderhuis. Het ideaal is voor hem werkelijkheid geworden. Hij heeft wat zijn diepste bede in zijn hart zoo vuriglijk, bewust of onbewust, heeft begeerd.

Verstaat ge dien overgang? Tusschen op het verlangen en het bezitten, het altoos

eeuwig

God

reis

en

thuis ,

ivorden,

tussohen

en het nu

zijn.

nooit geworden, wordt nooit en zal nooit worden. Hij Jehovah. Ik zal zijn, die ik zijn zal. Hij is die Hij is. Maar óns is de ontwikkeling het ontluiken het ivorden opgelegd. Ons bestaan, ons leven op aarde is één proces. Zuigeling, kind, knaap, jongeling, man, grijsaard. Heel een ladder, met sporten zonder eind, die we hebben op te klimmen. Nooit rust, altoos vooruit en verder. Eén voorttrekken, verder reizen; wat bereikt is, achter ons laten, om altoos weer vérder te komen. Nauwelijks den top van den berg die voor ons lag bereikt, of een ander nog hooger berg vertoont zich, en ook die moet weer bestegen worden. Vandaar dat opvoeden, dat altoos leeren, dat altoos gedreven worden naar meerder kennis, meerder licht, hooger kracht, rijker bevatting. Rusten is hier zonde. Is zijn leven verspelen. Is stilstaan, terwijl de weg verder en hooger wenkt. Zoo was het in het Paradijs. Adam rein en heilig, recht voor God en wijs. Maar niet om alzoo te blijven. Neen, maar om zich te ontwikkelen, om geestelijk te groeien, om verder te komen, en dan, dan ja zou hij eindelijk, als de loop voleind was, in de eeuwige ruste ingaan. Hier een rusteloos omdolen in de woestenij. De knaap wil jongeling worden, en, jongeling geworden, is man te worden al zijn begeeren. En man geworden, ja wat dan? Begeerte om grijsaard te worden? neen dat niet. Oud worden is dalen, en de weg wenkt naar hooger. Pelgrims naar het eeuwige Vaderland eerst daarboven is uw Kanaan. In het Vaderhuis wacht u de eeuwige ruste. Als is

is

,

,

,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's

In Jezus ontslapen - pagina 146

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's