Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 608

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 608

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

2 minuten leestijd

LIJDEN EN SCHULD,

604

de heerschappij over de natuur tot ontwikkehng zouden komen. Die ontwikkehng heeft Satan door de zonde willen stuiten. En toen is God met

„Gemeene

zijn zij

gratie"

het ook langs een

tusschenbeide gekomen,

weg van

om

toch zijn menschheid,

en tranen, tot die hooge en rijke

bloed

ontwikkeling op te voeren.

I.XXXI. Der eeuwen loop.

Namelijk de verborgenheid, die verborgen alle ia

eeuwen en van

alle geslachten,

aan zijne heiligen.

is

geweest van

maar nn geopenbaard Col 1 26. :

Uit het nu afgehandelde stuk over den samenhang, die er tusschen de Gemeene gratie en Gods Voorzienigheid bestaat, bleek ons hoe God gedat de menschheid een historie zou doorloopen. Het is na den val niet plotseling uit, maar de wereld gaat door. Er volgen dagen, maanden, jaren, eeuwen; en dat die eeuwen elkander rusteloos opvolgen, is alleen mogelijk door het intreden der Gemeene gratie. Denkt ge u die

wild heeft,

weg, dan zou alras het onheilig vuur van zonde en vloek de vlammen hebben doen uitslaan, en het menschelijk leven op deze planeet zou

laaie

een prooi van algeheele verwoesting

Gemeene De vernieling

gratie blijft dat vernielend

mogelijk,

volgen,

zijn

geworden. Maar dank

dreigde wordt tegengehouden.

die

zij

de

vuur in staat van gedempte smeuling.

En

zoo eerst

werd het

dat er op het Paradijs en na den val, een historie stond te

en dat zich een onafzienbare

tijd

ontsloot, die

nu reeds eeuwen

lang zonder tusschenpoozen voortschrijdt.

Toch zou

dit

volgen van

eeuw op eeuw geheel

indien het tot niet anders had gestrekt,

anderd

te laten voortbestaan.

Hoe

dan

om

doelloos zijn geweest,

het bestaande onver-

groot ook de genade ware, die zich in

dat louter doen voortbestaan van ons geslacht zou hebben uitgesproken, toch zou het aldus gerekte bestaan voor den mensch op aarde niet zóó

uitlokkend geweest soortig leven,

als

zijn,

dat een

Adam na

zijn

herhaling zonder eind van een val

ten

bestaan zou hebben gehad. Van den toestand waarin existentie

na den

val,

gelijk-

deel viel, in zichzelf reden

Adam

zijn

van

lange

over niet minder dan negen eeuwen, gesleten heeft,

kunnen we ons thans moeilijk meer een

voorstelling

vormen; maar

stellig

zou elk onzer het hart ineenkrimpen, als het ons opgelegd werd, al ware het ook slechts een leven

van

vijftig jaar, in

zulk een toestand te door-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 608

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's