Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

De gemeente gratie - pagina 305

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De gemeente gratie - pagina 305

Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.

2 minuten leestijd

HET ZEDELIJK GOEDE

IN

voor het pas geboren wicht zoo

soms nog

dezelfde liefde,

gemeen

het water

vaak

ligt,

zijn

men

kippen en katten, en

bij

vier personen

drie,

301

kan, blijkt daaruit, dat

ook

sterker,

men

dieren vindt. Zoo nu ziet

vele

bij

DEN ON WEDERGEBORENE.

er

bij

geheel het

in

ook, als er een kind in

waarvan de één

staan,

zonder zich te bedenken te water gaat, terwijl de tweede er over aarzelt het doen zou, de derde wel voelt dat

of hij

en de vierde weet dat

hem

hij

moet maar

zoo iets onmogelijk zou

zijn.

terugdeinst,

nu daarom

Is het

gezegd, dat die eerste daarom zedelijk zooveel hooger staat? Stellig niet.

Zulk een daad

zelden verricht door een man, die overigens veeleer

is niet

zeer laag stond, en onder hen die aarzelden of er niet toe konden komen,

waren als

uitnemende mannen en vrouwen. Hieruit

niet zelden

zulk een daad,

op zichzelf

die

altijd

goed

is,

dat

blijkt dus,

daarom nog volstrekt

niet

goed aan dien persoon kan worden toegerekend. De mogelijklieid toch

meer de

bestaat, dat veel

drift zijner natuur,

dan

hij zelf

hierin

werkzaam

was, en dat er alzoo van een zedelijken triumf geen sprake was. Het

dan de aard van dien man die hier werkte, en dien aard gaf niet,

maar gaf God hem. Op

die

manier komt er dan ook

leven voor, dat ongetwijfeld conform Gods wil

daarom de man

is,

is

hij zichzelf

het

allerlei in

en 'dus goed, zonder dat

kan worden er zelf goed in te hebben gehandeld. Zal het hem ten goede worden toegerekend, dan moet hij zelf het zóó gewild hebben, en niet als het dier, onder de aandrift van zeker instinct, maar als mensch in gehoorzaamheid aan God hebben willen die het deed, geacht

handelen en hebben gehandeld.

Gehoorsaamheid zaamheid

is

het kenmerk van alle zedelijk goede daad. Gehoor-

is

conform den

conform de ordinantie Gods

wil,

willen gaan.

Van Haarlem naar Leiden kan een

bode

loopeji,

en

drie,

maar daarom

als

trein, is

paard en bode

het niet

bij

alle

trein,

zelf

gaan en

een paard of een

dit doen, is dit

gehoorzaamheid.

goed van

De

trein

alle

wordt

getrokken door stoomkracht, het paard wordt gestuurd en gezweept, en

hem

alleen de bode loopt zelf uit gehoorzaamheid aan wie

derhalve niet alleen gevraagd, of een daad op zichzelf is,

maar ook

zelfs

dat

is

of ze

nog

conform die wet gedaan

niet genoeg.

Reizigers in een diligence, die

Men kan

is

Er dient conform Gods wet zond.

uit gehoorzaamheid.

En

met weerzin. op een eenzamen weg door roovers werden toch gehoorzamen

overvallen en gelast uit te stappen en plat op den grond te gaan liggen,

zuUen, als ze geen kans op verweer zien, gehoorzamen; maar wie zou

beweren dat gehoorzaamt

in uit

zulk

een gehoorzamen een zedelijk goed schuilt?

Wie

angst of zwichtend voor overwicht, bedoelt niet te ge-

hoorzamen. Stel dus dat iemand Gods ordinantie:

Gij zult niet stelen,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's

De gemeente gratie - pagina 305

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902

Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's